woensdag 30 november 2011

Oud Geld

Er zijn van die plekken die een grote aantrekkingskracht op me hebben - één ervan is het kasteel Westhove bij Domburg. Kastelen prikkelen mijn fantasie en de link met ridders en roemruchte avonturen, is dan door mij snel gelegd. Ik ben nog nooit binnen in het kasteel geweest, laat staan dat ik er ooit gedroomd heb van jonkvrouwen en tournooien, ook al zou dat zomaar kunnen, want Westhove is nu een jeugdherberg, waar je voor wat euros legitiem mag dromen ..... misschien is dat maar beter ook zo, zodat er plek overblijft voor mijn verbeelding, om de ruimten in het kasteel zelf in te delen en te vullen. Het kasteel wordt al genoemd eind 13de eeuw als een buitenplaats, een zomerverblijf voor de abten van de Abdij van Middelburg. Er woonden in de loop der eeuwen ook verschillende ridders op het buiten, zoals Philip van Borsellen, heer van Cortgene, zodat er stof genoeg is om te fantaseren.
Voordat het kasteel zijn status verloor ( de Geuzen staken het gebouw in 1572 in brand) en het gebouw in de twintigste eeuw een herstellingsoord en later jeugdherberg werd, is het kasteel in handen geweest van adelijke- en bemiddelde geslachten, zoals de van Reigerbergjes, die de windwijzer op het kasteel aanbrachten ...... Heel wat mensen hebben als gast op het kasteel geslapen en de meesten zijn, terecht, onopgemerkt gebleven, vergeten, anoniem uit het collectief geheugen verdwenen, nooit beroemd of berucht geworden en hebben dus nooit de annalen gehaald, zodat je bijvoorbeeld de namen van tante Machteld en oom Ferdinand - neef Wolfert en oud-tante Eugiene tevergeefs in lijstjes zult vinden - wel andere vooraanstaande gasten hebben de strozakken in kasteel beslapen; grote namen, die lang niet altijd hun vermaardheid door edele daden verkregen hadden, maar soms door afkomst of verraad of gesjoemel in de geschiedenisboeken zijn blijven plakken, zoals Floris de V, Karel de Stoute (foei), Philips van Oostenrijk, Karel de V en Koningin Wilhelmina ............ Domburg was toen al een gewilde plek om des zomers te vertoeven: Des zomers verstrekt Domburg den burgeren der Walchersche Steden voor eene vermaakelyke uitspanning, wordende het zelve dan dagelyks door en groot getal speelryders bezocht - lees ik in een boek uit 1751.


Domburg, dat nu weer oude tijden wil doen laten herleven, de tijden van de grandeur van het begin van de 20ste eeuw, toen de sjiek van Europa hier neerstreek tijdens de zomermaanden, zou er wellicht goed aan doen om Westhove weer van binnen in oude luister te herstellen - middeleeuws, dat wel, uiteraard ...... de moderne keuken er uit, bijna alle meubels uit het gebouw, weg met de stapelbedden, strozakken in de kale slaapvertrekken, glas uit de vensters, luiken dicht als het koud is en stormt, en de open haard weer aan - wellicht dat het dan de echte Europese oude adel weer aantrekt, de groep met "oud geld", die er best wat voor over heeft om weer eens, als vroeger, samen de door vlooien bevolkte strozakken op te zoeken - wie weet komt er iets moois van - oude tijden herleven! ( Domburg - Walcheren) ( oktober 2010)
Hans Koert

slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Schelderegio.

dinsdag 29 november 2011

Industrieël Erfgoed

Als je als historische stad, wat Zierikzee is, kan bogen op een roemrijk verleden en bestuurders, die eeuwenlang door een behoudende bril naar hun stad hebben gekeken en gehandeld hebben, dan is de kans groot dat je anno 2011 nog steeds veel oude karakteristieke gebouwen aantreft. Zierikzee is, met zijn Noordhaven - en Zuidhavenpoort, de Nobelpoort, het 's Gravensteen en de fraaie oude huizen langs de Oude Haven zo'n Parel in de Schelderegio. De kolossale graansilo detoneert in dit plaatje ............

De bijna 50 meter hoge graansilo van de Coöperatieve Zuidelijke Aan- en Verkoopvereniging (CZAV) werd in de jaren vijftig van de vorige eeuw gebouwd aan de Julianastraat, in een bedrijventerrein langs de Ee net buiten het historische centrum van de stad, 't Sas. Toen de bouwaanvraag er lag werd er vanuit de Zierikzeese bevolking geprotesteerd tegen de bouw van dit beeldbepalende gebouw, maar de gemeenteraad ging uiteindelijk accoord en de silo kwam er.
Nu, zestig jaar later, heeft de silo zijn taak volbracht, het terrein is verwaarloosd en verrommeld. Zelfs een mager zonnetje op deze winterdag kan dat niet verhullen. Er zijn plannen om het gebied te saneren en er woningen te bouwen. Helaas, of moet ik zeggen vanzelfsprekend, is de bodem vervuild met stoffen, die daarin jarenlang zijn verzameld. Vijf jaar geleden waren er nog verregaande ambitieuze plannen om de silo te vervangen door een woonwijk, een woontoren van gelijke hoogte, een hotel; alles moest resulteren in een upgrade van het Zierikzeese 't Sas. Op dit moment lijkt er weinig schot in de zaak ........... Elk plan, elk idee kost geld en investeringen en de huidige financiële situatie laten dat niet toe. De laatste ontwikkelingen zijn me dan ook ontgaan ........... Het vervelende is dat de omgeving van het 't Sas nu een verlopen, verpauperde indruk maakt, dat alleen maar zal verergeren, nu er blijkbaar geen actie ondernomen wordt. Het voordeel is dat er uitstel is ........... want voor je't weet zit Zierikzee weer 50 jaar vast aan iets waar men later spijt van heeft en slaan we ons voor het hoofd omdat we, bijvoorbeeld, ons industriële erfgoed verkwanseld hebben .......... Want hoe je't ook wendt of keert - al die jaren vormde de silo een onderdeel uit van het silhouette dat hoorde bij de stad ........ straks gaan we'm nog missen!( Zierikzee - Schouwen-Duiveland) ( januari 2011)

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg


SlikopdeWeg is de dagelijkse Zeeuwse weblog over de Schelderegio.

maandag 28 november 2011

Het Lam Gods

Een tussendoorstraatje ergens in het centrum van Antwerpen - Toeristen komen hier niet - daarom zal het huis er ook nog wel zo bij staan - een stokoud huis getekend door de tijd. De pleisterlaag is gerimpeld en gebarsten, als bij een bejaarde komiek, die na de voorstelling vergeten is goed af te schminken. De mensen lopen er snel langs als ware het een zwerver wiens aanwezigheid benauwd.
In Gent, vijftig kilometer westelijk, wordt het Lam Gods, het beroemde schilderij van de Gebroeders Eyk gekoesterd - toeristen komen er speciaal naar kijken, vandaar dat er nu geld voor wordt gevraagd als je de Doopkapel in wilt - Een stokoud schilderij, schijnbaar onaangetast door de tijd. De verflaag is weliswaaar licht gerimpeld en gebarsten, als bij een bejaarde komiek, die na de voorstelling vergeten is goed af te schminken, maar dat hoort erbij. De mensen kijken met bewondering naar het strengbeveiligde drieluik, opgeborgen in een soort terrarium, een glazen huis, omdat 75 jaar geleden een van de panelen gestolen werd.
Het Lam Gods moet binnenkort gerestaureerd - althans dat is de bedoeling. Er is nogal wat gedoe over geweest in Vlaanderen, want de restauratie kan niet in het glazen huis in de doopkapel in de Sint Baafs van Gent plaats vinden. Onlangs werd beslist dat het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium de klus mag klaren: kosten anderhalf miljoen euros. De verf van het Lam Gods laat weliswaar nog niet los, nog maar 575 jaar geleden aangebracht, maar de laklaag, die er 50 jaar geleden bij een eerdere restauratie opgebracht is, moet verwijderd worden - wie klaart die klus? En waar gaat het gebeuren? De schepen van Gent soms een aantal belangrijke voorwaarden op, waaraan die restauratie moet voldoen: de juiste kennis, de juiste klimatisering en de juiste lichtinval; bovendien moet de restauratie te volgen zijn voor het publiek. Het huis, de stuclaag, gecraqueleerd als het Lam Gods, moet nodig vervangen worden - de vensters vernieuwd - een nieuwe bestemming gezocht. Dat gaat veel geld kosten - Misschien dat het restauratieproject van het Lam Gods hier iets in kan betekenen? Weliswaar is Antwerpen geen Gent, maar daar moet men dan maar eens, in het landsbelang, overheen stappen - de schepenen van Antwerpen zullen die extra publieke belangstelling ongetwijfeld zien zitten. De klimatologische voorwaarden die belangrijk zijn voor een goede restauratie lijken hier volop aanwezig: frisse lucht en een optimale luchtvochtigheid; bovendien kan het publiek de restauratie vanaf de straat op de voet volgen. En je hoeft geen grote promotiecampagne op poten te zetten - de uitstraling van het gebouw immers, suggereert de argeloze passant wat er binnen gebeurt ........ (Antwerpen - Provincie Antwerpen) (oktober 2010)
Hans Koert

slikopdeweg@live.nl
Twittter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse weblog over de Schelderegio

zondag 27 november 2011

Facebook avant la lettre

Eerder dit jaar was er een opendag in de gevangenis en het Huis van Bewaring Torentijd in Middelburg - als je er over nadenkt een ietwat vreemd woord voor een al even vreemd uitstapje-met-het-hele-gezin. Dit soort open dagen worden georganiseerd om de gevangenis, of zoals dat tegenwoordig netjes heet, De Penitentiaire Inrichting, dichter bij het gewone volk te brengen. Al zitten de gedetineerden niet meer met een ijzeren kogel aan hun been op water en brood hun straf uit te zitten - een luxe hotel is het evenmin, zoals de vooroordelen beweren. Dit soort dagen moet het beeld dat de brave burgers van de gevangenis hebben, bijstellen ....
In de 17de eeuw waren er, uiteraard, geen open dagen in de gevangenis, al werden lijfstraffen vaak wel in het openbaar voltrokken. In het Gravensteen in Zierikzee waren op de eerste verdieping ( let op de dikke tralies voor de ramen) een aantal cellen met dikke eikenhouten wanden gemaakt, waar gestraften werden opgeborgen. De dikke eikenplanken zijn met ijzeren klampen aan elkaar vastgemaakt en mensen die een gevangenisstraf opgelegd kregen, werden hier voor jaren opgeborgen ...... Over het leven van een gevangene in die tijd, weten we maar weinig, ons gedateerd beeld over de bak als een lege kale cel en een homp brood en water als lunch, dateert uit deze tijd ..... Gelukkig hebben een aantal van de honderden gevangenen, die hier opgeborgen werden, hun verhaal achtergelaten op de wanden - ingekraste namen en tekeningen, die te voorschijn kwamen toen een dikke laag verf van de planken werd verwijderd - Facebook profielen avant la lettre.
Het aanbrengen van graffiti in de openbare ruimte voelen velen anno nu, als een bedreiging van de leefomgeving - anders wordt het als ranzige teksten in een schimmig bruin café alleen op de muren van het toilet zijn geschreven of getekend. Als er echter van onder een dikke laag verf tientallen teksten te voorschijn komen van gevangenen die hun namen en frustraties op de muren van hun cel hebben gekrast, dan juichen we hard en spreken we van een (archeologische) vondst van dehoogste orde, die in het lijstje, aangevoerd door Howard-Carter-ontdekt-graf-van-Toet-Anch-Amon in de Top Tien bijgeschreven zou moet worden .....
We vinden er namen en afbeeldingen van schepen, ingekrast met iets hards (probeer maar eens met je nagel iets in een eikenhouten tafel te krassen), dat blijkbaar naar binnen gesmokkeld was. De oudste inscriptie dateert van 1526, maar één van de opvallendste is ongetwijfeld de rij gekleurde soldaten. Deze mannetjes stellen Pruisische soldaten voor, die in de 18de eeuw ten tijde van de Engelse Oorlogen, in Europa huishielden en ook Nederland daarin betrokken. Hoe ze hier terecht kwamen weten we niet, maar, afgaand op de gedetailleerdheid van de tekeningen, moeten ze (er van uitgaand dat er meer dan één soldaat opgesloten moet zijn geweest) hier een flink tijd opgesloten gezeten hebben. De afbeeldingen zijn met zorg gemaakt en zelfs ingekleurd ( Bah, alweer speklapjes met krootjes ...). Ze hebben zichzelf keurig in het gelid aantredend afgebeeld: Een rij soldaten, waarbij je de schutters herkent en een tamboer en twee officieren - de meesten met een berenmuts op het hoofd. Misschien een idee voor de Zierikzeese Harmonie Kunst en Eer, om, mochten er nieuwe uniformen moeten worden aangeschaft, die te laten promoten m.b.v. deze 250 jaar oude afbeeldingen - je slaat dan meteen twee vliegen in één klap: je kunt sponsoren laten zien hoe je't gedacht had en je hebt als harmonie meteen een rechtenvrije afbeelding voor je Facebookprofiel. ( Zierikzee - Schouwen-Duiveland) ( augustus 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

zaterdag 26 november 2011

De Vlakepest

Als je er niet moet wezen zul je er niet zomaar belanden - het dorpje Vlake, ooit een kleine gemeenschap met een kerk te midden van de laaggelegen Yerseke Moer, is nu verworden tot een buurtschap van een paar boerderijen en een siertuin - partycentrum De Sequoiahof. Vlake, een vergeten dorp, wiens naam alleen nog geassocieerd wordt met stremmingen voor de naar het dorp genoemde tunne; het lot van de teloorgang in de tijd, zoals dat ook dorpjes als Baarsdorp, Eversdijk of Sinoutskerke te beurt gevallen is.
Toch is Vlake nog regelmatig in het nieuws met betrekking tot de Vlaketunnel, die de grootste en belangrijkste verkeersader van Zeeland, de A58, onder het Kanaal door Zuid-Beveland leidt en de brug, die sinds de opening van de tunnel, hoevel sinds eind vorige eeuw met pre-vut is, maar nog wel regelmatig als substituut mag dienen als de Vlaketunnel weer eens buiten gebruik is ...........

Het dorp zelf moet ontstaan zijn op één van de kreekruggen, die door de Yerseke Moer liepen, op een kruispunt van wegen, waar een kerkje werd gesticht, dat uitgroeide tot een nederzetting van bescheiden omvang. De kerk van Vlake was gewijd aan Sint Macharius, de heilige Macharius van Antiochië, die rond het jaar 1000 vanuit Turkije na lange rondzwervingen in een klooster in Gent belandde en daar overleed aan de pest. Waarom de kerk van Vlake aan deze heilige gewijd was, blijkt niet duidelijk - de Sint Baafsabdij van Gent had geen goederen hier in bezit, dus zou je gemakkelijk een relatie kunnen bedenken met de pest, waartegen Macharius van Gent, zo als hij ook wel heette, de beschermheilige was. De fundamenten van het kerkje, waarvan voor het eerst sprake was in de 13de eeuw, liggen nog, met restanten van middeleeuwse bewoning onder de grond. De kerk van Vlake werd in 1802 afgebroken.

De inwoners van Vlake zullen zich ongetwijfeld bezig gehouden hebben met wat veeteelt en akkerbouw, maar ook met het moeren, het afgraven van het veen uit de bodem van de Yerseke Moer om daarin het zout te winnen, dat economisch van waarde was. Het dorpje groeit in de middeleeuwen uit tot een kleine gemeenschap, maar vanaf de 16de eeuw stagneert deze groei en kwijnt het dorp langzaam weg .....

De ambachtsheren van Vlake en van het nabijgelegen, even zieltogende dorpje Schore, besloten in de 17de eeuw samen te gaan. Uiteindelijk zal de bouw van het Kanaal door Zuid-Beveland in de vorige eeuw beide dorpjes voorgoed van elkaar verwijderen en de verbreding van het kanaal in de jaren zeventig van de vorige eeuw laat van het dorpje Vlake bijna helemaal niets meer over.

Twee jaar geleden bereikte Vlake nog eenmaal de landelijke kranten, doordat er olie was gevonden - Duizenden liters ruwe olie spoten uit de grond en, hoewel Nigeriaanse toestanden voorkomen konden worden, rekenden sommige Vlakers zich al rijk, vermoed ik. Het zal je toch maar gebeuren dat in tijden van crisis de oplossing ineens in jouw achtertuin blijkt te liggen en Vlake voortaan als een tweede Slochteren, maar dan in vloeibare vorm, op de kaart gezet zal gaan worden. Toen echter bleek dat de spontane olielozing uit de bodem het resultaat was van een kapotgetrokken olieleiding, die in de bodem naar de Totalraffinaderij voerde, zakte de stemming en werd de gedroomde stinkende oliefontein ineens een fiks milieuprobleem. Wat hadden de inwoners van Vlake daar de pest over in! ( Vlake - Zuid-Beveland) ( augustus 2010)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

vrijdag 25 november 2011

Bakkruudje

In het vroege voorjaar proberen we minstens één keer per jaar een wandeling te maken in De Mantelinge, het bos - duingebied bij Domburg. Reden? De bloeiende stinzenplanten en in het bijzonder de sleutelbloem de stengelloze sleutelbloem.
Als je denkt spektakel te vinden tissen de nog kalende bomen of grote velden bloeiende bloemen, dan kun je beter een dagreis naar de Keukenhof boeken - nee, de bloeiende stinzenplanten kenmerken zich door hun bescheidenheid. Stinzenplanten zijn oorspronkelijk aangeplante tuinplanten, die je nu in het wild terugvindt in de bossen rond oude buitenplaaten, zoals de sneeuwklokjes, de narcis en de primula of sleutelbloem.
De sleutelbloem, of beter gezegd, de stengelloze sleutelbloem, de Primula vulgaris, kennen we allemaal als kamer- of tuinplant en zal dus niet meteen de oh en ah prijs winnen. Het is één van de eerste bloeiers in het wild, vandaar ook de naam Primula, wat eerste betekent. Het bloemetje wordt ook wel Sleutelbloem genoemd, omdat de bloemetjes van de Slanke Sleutelbloem, met heel veel fantasie wel op een bos sleutels lijkt. Het plantje kreeg daarom in de middeleeuwen de naam Hemelsleutel, later werd het gewoon Sleutelbloem - handig toch wel, dat ze dat aangepast hebben, want voor mij is een Hemelsleutel gewoon een fraai bloeiende sedumsoort in de herftsttuin en die ik herken en op naam kan brengen!
Je kunt het bloemetje van de Sleutelbloem voor van alles gebruiken - de blaadjes van het bloemetje kunnen meegebakken worden in pannenkoeken en worden gebruikt om paaseieren te verven, lees ik in Zeldzaam Zeeuws, een boek over Bijzondere planten en dieren in Zeeland, vandaar de naam Eierkruud in Oost-Zeeuws Vlaanderen. De plant bloeit zo vroeg, om op tijd vrucht te kunnen dragen. Ze moeten dan bestoven worden door insecten, die vroeg vliegen, zoals de eerste hommels, die als snorrende Sioux-helicopters over de nog kalende bosgrond vliegen, op zoek naar de eerste bloeiende planten. Als de zaden eenmaal gevormd zijn, zorgen mieren voor de verspreiding van de zaden - ze zien wel iets in het oliehoudende aanhangels aan de zaadjes, de zgn. mierenbroodjes, die ze lekker vinden en waarvoor ze die zware zaden ( vanuit mierenoogpunt bekeken) wel naar hun nest willen slepen Verwacht echter op een zonnige februari zondagmorgen geen files richting de kust, geen overstromend parkeerterrein bij Westhove of file-lopen, zoals je dat wellicht kent van de Lange Delft op de zaterdag voor Kerst ........ De echte (!) Zeeuwen lopen er niet zo warm voor ....... ze kennen het plantje immers gewoon van het tuincentrum, waar ze met tientallen tegelijk in trays van drie bij zes plantjes verkocht worden, om de voorjaarstuin of de bloembakken mee op te fleuren - Bakkruudjes worden ze hier genoemd, daarom zie je nog wel eens zo'n echte oerZeeuw ietwat nors en sjagerijnig door het nog gure voorjaarsbos dwalen, de handen diep in de zakken van zijn boenker, meegelokt met de belofte, om deze unieke Zeldzaam Zeeuwse voorjaarsbloeiers te aanschouwen Ga je mee naar de Mantelinge om naar de Stinzenplanten te gaan zoeken? En als je goed luistert met je ogen zie je die oer-Zeeuw foeteren: We hadden net zo goed naar Europatuinen kunnen gaan - daar hebben ze tenminste nog koffie ....... (De Mantelinge - Domburg - Walcheren)(februari 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: slikopdeweg

donderdag 24 november 2011

De Koe

Wie Veere bezoekt zal, wandelend langs de haven, het fraaie silhouet van de molen niet ontgaan. Molen De Koe vind je pontificaal boven op de stadswallen van het historische stadje Veere. Op deze plek staat al eeuwenlang een molen en De Koe, een stellingmolen, is dan ook al de derde, eigenlijk de vierde op rij, die hier mag malen - toendertijd waren er immmers nog geen bestemmingsplannen die dit soort industrieën alleen ver buiten de stad duldden ......... en in vroeger eeuwen waren de wallen een prima plek om dit soort gebouwen, die veel wind moesten kunnen vangen, te plaatsen, zonder last te hebben van naastgelegen bebouwing.
Al in 1596 is er hier sprake van eenen Koornmolen van Hout. Hij stond op het bolwerk, dat de Molenberg genoemd werd. Dit bolwerk vind je aan't eind van het zgn. Molenwater, waar voor 1596 een Water-Korenmolen moet hebben gestaan. In 1736 werd er een stenen Wind-Koornmolen gebouwd - een zgn. grondzeiler, wat betekent dat er toen nog geen stelling om de molen zat, zoals dat nu wel het geval is. In de molen werd gebruik gemaakt van onderdelen die nog goed waren uit de oude houten molen - recycling optima forma.
Deze eerste stenen De Koe was niet al te best in elkaar gezet. De stenen bleken niet goed gemetseld, waardoor besloten werd de buitenkant te teren. In 1909 brandde de molen af en bouwde men een nieuwe molen, nu een hogere Stellingmolen, omdat, door de bomen die toen op de wallen stonden, het moeilijke was geworden, genoeg wind te kunnen vangen. Voor een deel werd gebruik gemaakt van onderdelen uit de molen De Onderneming, die op 't Zand stond in Middelburg en in 1908 voor een groot deel gesloopt werd. Die molen kreeg alleen een motor en dus waren de bewegende delen in de molen overbodig. Ook De Koe kreeg al vanaf het begin een motor, zodat er ook, als er geen wind was, gemalen kon worden. Molen De Koe is zo nu en dan nog in gebruik en wordt nu ook bewoond.
Menig projectontwikkelaar zal met hebberige ogen gekeken hebben naar de unieke plek waar dit molen-woonhuis staat - een beeldbepalend element van de oude stad Veere. Je kunt je tegenwoordig toch niet meer voorstellen dat de bestuurders en inwoners van een stad zo'n bedrijf binnen de stadwallen zouden dulden ............. MER's, geluidshinder-metingen en verregaande wetgeving zouden dit verbieden. Tegenwoordig worden bedrijven weggestopt in saaie bedrijfsterreinen, ver van de bewoonde wereld, die, vaak, na een aantal jaren, vervallen tot de meest mistroostige plekken van een gemeente, die je je maar kunt voorstellen, waar je niemand zonder reden heenstuurt ........ alhoewel ....... de gemeente Middelburg verwelkomt zijn bezoekers, na de aanleg van de N57, met een ritje door het vervallen Ramsburg bedrijventerrein ......... en nu maar hopen dat daar snel iets aan gedaan wordt! ( Veere - Walcheren) (november 2010)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg
De tekeningen en kaarten komen uit De Tegenwoordige Staat van Zeeland van Isaak Tirion ( 1753)
SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Scheldedelta!

woensdag 23 november 2011

'n Schip mie zure appels

Wat is er mooier dan een lucht vol witte wolken, die als reusachtige ijsbergen in een poolzee over het Zuid-Bevelandse landschap drijven? De mensen die nog dialect spreken noemen zoiets een 'n Boenkuhhe locht ..... Dichtbundels zijn er over volgeschreven - liters verf aan't schilderslinnen toevertrouwd, maar in Zeeland kun je't gewoon regelmatig live meemaken: de Zeeuwse Lucht!

Wolken ontstaan door opstijgende lucht, waarin het vocht condenseert tot waterdamp, leren de meteorologen ons. Vaak drijven die stapelwolken alleen over, maar soms groeien dit soort luchten uit tot dreigende inktzwarte onweerswolken, koppen an de locht, die traag over het landschap glijden en meestal weinig goeds beloven - volgens mien lopt de locht vol, me kriehen kwaed weer, zeggen ze dan in de Zak ........ Kiek, op Seeren'oek rehent tut ä!

Hoe vaak ben ik als schoolkind al niet overvallen door zo'n bui op weg van de middelbare school in Goes naar huis ...... Honderden kinderen gaan in Goes naar het voortgezet onderwijs, Hittie van joe à ni hoes ni scholu? en moeten dan dagelijks op de fiets de elementen trotseren. Zo ook ik - Al voorbij 't viaduct begon het dan wat te smoren, mohhepisse, motregen, voor wie geen Zeeuws kent - je werd er net niet nat van, maar toch - na een kwartier droop je aan alle kanten. En als dan halverwege de lucht nog meer verachterde, hoopte je nog, tegen beter weten in, net droog thuis te kunnen komen, zonder dat rottige regenpak aan te moeten doen .........

De laatste kilometers heb je geen oog meer voor de mooie luchten en zie je alleen het opspattende water langs je voorwiel. Als dan de druppels ook nog eens groter worden en frequenter gaan vallen is het te laat - geen viaduct om even te schuilen en geen boom om onder te staan - als't eens gaat onweren? Het eind van het verhaal was dan meestal dat je maar een tandje bijzette om zo snel mogelijk thuis te komen - vaak was de wind ôk nog us zuudwesteluk, dus à'j'm tehen, om tenslotte je fiets druupdeurnat in de schuur te kunnen zetten, met net nog even tijd om een goedklinkende reden te verzinnen waarom je je regenbroek niet aangetrokken had, en het buitje en je natte broek te bagateliseren: 't smoorde 'n bitje - pas bie'den diek hiengt zeiken ..... Ja, 't reehent nie slecht, kreeg je dan van je moeder te horen, met Zeeuws gevoel voor understatement ........ Ei je dat schip mie zure appuls nie 'ezie toen je lang d'n diek ree? Nee, natuurlijk niet - als't zo regent kom ik toch meteen nae ruus toe! (Zak van Zuid-Beveland) ( september 2011)

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg
SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Scheldedelta!

dinsdag 22 november 2011

Kloostermop

Ik hou van oude gebouwen of beter gezegd, ik hou van oude stenen. Stenen die verweerd zijn en die laten zien dat ze al eeuwenlang de elementen getrotseerd hebben - vorst, zon en regen ......... als verweerde Zeeuwse koppen.
De stenen die we tegenwoordig gebruiken komen allemaal uit steenfabieken, waar ze machinaal gevormd zijn. Soms verkopen ze stenen die lijken alsof ze handgevormd zijn, maar je ziet altijd dat ze nep zijn - kitsch - voor mij gaat er niets boven echte oude, liefst middeleeuwse stenen, zgn. kloostermoppen.

Kloostermoppen zijn een verzamelnaam voor middeleeuwse stenen, die gebruikt werden bij de bouw van kastelen, kloosters en kerken. De Romeinen gebruikten naast natuursteen ( hier in onze streken moest die aangevoerd worden uit de Ardennen of uit Duitsland of, wie weet, nog verder weg: Italië) ook al baksteen, maar toen de Romeinse cultuur te niet ging, verdween ook de kennis om steen te bakken. In de 12de eeuw ontwikkelden Friese monniken weer de kunst van het bakken van stenen en die "kunst" breidde zich snel uit over het hele land, dus ook naar Zeeland.
Een kloostermop heeft geen vaste maten, maar door de bank kun je stellen dat de oudste moppen het grootst en dikst zijn: bijv. 38 x 18 x 12 cm. Laat middeleeuwse moppen zijn veel kleiner: 30 x 13 x 8 cm. Je vindt in Zeeland nog kloostermoppen in oude kerken, vaak met geglazuurde stenen er tussen, doordat gebruik gemaakt werd van Zeeuwse klei, die verontreinigd waren met zouten .... Stenen huizen waren vroeger voorbehouden aan de rijken, maar in de 16de eeuw begin men in de steden ook huizen en op het platteland boerderijen van steen te maken. Aangezien nieuwe stenen erg duur waren ( ze moesten helemaal aangevoerd worden uit Zuid-Holland), ging men op zoek naar oude stenen die gehaald werden uit oude ruïnes (kastelen en kerken) en die men voor een habbekrats kon meenemen. Gezien de staat van de wegen en de karren zal dat over niet al te grote afstsand gebeurd zijn - men zocht het dus dicht bij huis. De oude verweerde muur vond ik in een boerderij bij Aardenburg, De Oliepot - de oude stenen zijn afkomstig van de schansen, die in Aardenburg aanwezig waren. Toen men met kanonnen ging schieten hadden stenen verdedigingswerken minder zin en kon je je veel beter verdedigen met aarden wallen - die vangen immers de kogels op. De fraai geglazuurde stenen vond ik in de Hoeve Van der Meulen in 's Heer Abtskerke. Deze oude stenen komen eveneens van oude middeleeuwse gebouwen uit de Zak, wellicht, is gesuggereerd, van het afgebroken kasteel De Hellenburg bij Baarland, aangezien de stenen vergelijkbaar zijn. Maar er waren ook (delen van) kerken die afgebroken werden of die door het water overspoeld waren. Zulke fraaie geglazuurde Zeeuwse stenen zijn voor mij typisch Zeeuws en zouden thuis moeten horen in de Zeeuwse Canon. Naast de deur achter in de Hoeve van der Meulen vind je een stuk muur dat roodachtig uitgeslagen lijkt, bestreken met een rossige kalk. Vroeger was de hele muur zo bestreken en dit gebeurde vooral bij boerderijen die in het bezit waren van Rooms Katholieke families - zo konden ze op een beschaafde manier geloofsgenoten laten weten, in de tijd van hervormingen en protestantisme, dat ze het oude geloof trouw gebleven waren .......... Deze gerosselde muren, zo heet dat, vertelden hun geloofsgenoten de afkomst van de bewoners, want alleen met een gewone kloostermop hier en daar bewijs je nog niet je diepere geestelijke achtergrond, je roots en er zullen ook best wel eens kloostermoppen in de beste protestantse families over de tafel gegaan zijn, vermoed ik ........... ( Aardenburg - West Zeeuws-Vlaanderen) (augutus 2010) ('s Heer Abtskerke - Zak van Zuid-Beveland) ( augustus 2011)
Hans Koert

slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlkikopdeWeg: Al bijna 1000 keer de dagelijkse Zeeuwse blog over de Scheldedelta!