zaterdag 31 december 2011

... uit je doppen kijken

Wat is'tie wé din é! zei oom Piet vroeger altijd op het eind van het jaar tegen mijn vrouw en dan vroeg ze zich af af wat'tie bedoelde ..... Op nieuwsjaardag, bij 't nieuwjaarwensen, werd hetzelfde woordgrapje weer, maar dan iets aangepast, herhaald ... Wat is'tie wé dik é! En dan viel het kwartje meestal .... Je nieuwsjaarsgeld had je dan ondertussen al te pakken. Zo op het eind van't jaar gaan de gedachten vanzelf even terug naar de jaren zestig - naar hoe oud- en nieuw gevierd werd en hoe je dat beleefde als kind: oliebollen - spelletjes - lachen en olieneutjes pellen. Zoals je merkt hoort vuurwerk in dat rijtje niet thuis, net zo min als vreugdevuren, baldadigheid, vandalisme of het beschimpen van hulpverleners en ik kan me niet herinneren dat de dorpsveldwachter, zo die er was, op die avond moest werken. Er gebeurde niet zo veel op't durp rond de jaarwisseling, al was de stemming uiteraard wat baldadiger - de Griend, het "centrum" van Hoedekenskerke was de plek waar de jongelui, en de wat oudere ongetrouwde jonge jongens, verzamelden - daar vlogen dan korte tijd de rotjes om je oren of de gillende keukenmeiden zochten de dorpsmeiden, die ..... inderdaad! Ik vond het er altijd maar eng en koud en was dan meestal snel weer terug. Veel meer dan wat sterretjes aansteken reikt mijn ervaring niet ………. Ouderwetse gebruiken als met de koekelpot rondgaan waren in mijn jeugd ook al ouderwets, al kan ik me vaag herinneren ooit één keer zo, ik denk met de jongensclub, door het dorp gegaan te zijn. De verkensblaes was geregeld via Jan Lous, de dorpsslager, die nog zelf slachtte. In mijn herinnering was het een eenmalige actie, die, gezien het feit dat het op andere jaren niet meer herhaald werd, geen groot succes was. In Yerseke wordt zo aan het eind van het jaar deze traditie nog steeds uitgedragen - een mooi initiatief. De avond was gevuld geweest met het eten van bijzondere dingen die anders niet op tafel kwamen. Het kerstpakket met het blikje ragout, het pakje pasteitjes van bladerdeeg en het blikje zalm en ananasschijven of perziksap werd dan aangesproken. – Pasteitjes-met-dekseltje gevuld met ragout van niertjes was een vast onderdeel halverwege de avond. Hoe eet je zo iets? We vulden de avond met spelletjes, zoals Scrabble, als mijn oma er was en mijn vader en moeder hun zin kregen of Monopolie, als wij 't voor't zeggen hadden en zo'n avond duurde heel erg lang - vooral toen we nog jong waren waren. ” 't Opblijven" was de grootste uitdaging waar we voor stonden en dat was spannend ........... en natuurlijk het vuurwerk als apotheose. De one-man show van Wim Kan was vaste prik - daar werd tijd voor vrij gemaakt. Met z'n allen gezellig voor de zwart-wit tv, die gevoelig was voor langsrijdende bromfietsers of die strepen vertoonde als de atmosferische omstandigheden daarvoor uitnodigden. Met z'n allen voor de buis met een dienblad of oude krant en pelpinda's. Pel- of doppinda's, olieneutjes zeiden we er tegen, haalde je bij Kopmels, de bakker tegenover ons, die ongebrande pinda's zelf brandde door ze in de nog hete oven te leggen - dat waren de lekkerste. Ik was gek op pinda's doppen; Dat gaf een rijk gevoel en ik stelde me dan voor hoe "arme kinderen" zich moesten behelpen met het zoeken naar "vergeten” doppen, waar nog een pinda in achter gebleven was .............Vandaar ook, dat ik altijd de lege doppen nog eens goed nakeek, ook die van anderen, voordat ze werden weggegooid - daar is later de uitdrukking ........... goed uit je doppen kijken vanaf geleid. (Hoedekenskerke - Zuid-Beveland) (december 2011)

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Schelderegio

vrijdag 30 december 2011

Eindewege

Zo in deze donkere dagen van de winter, aan het eind van het jaar heb ik behoefte terug te kijken naar de nazomer - naar de dagen vol warmte, zon en de schoonheid van de natuur ............
De bloemranden langs de akkers, die in je Zeeland op verschillende plekken kunt aantreffen, verrrassen telkens weer opnieuw als je er langs fiets of loopt. Veel van de bloemen die daar bloeien zul je nooit in't wild aantreffen, maar zijn wel belangrijk voor de talrijke insecten en kleine dieren die er voedsel en beschutting vinden.
Helaas zie je de bloemranden de laatste jaren weer minder - het heeft te maken met subsidie, meen ik begrepen te hebben, die er in moest voorzien dat het arsenaal aan akkerbouw verminderd zou worden. Bovendien was het beter voor het milieu. Die Europese subsidies zijn nu niet meer en een Zeeuwse boer zit niet anders in elkaar dan een normaal ander mens - hij wil profijt zien, of, zoals ze in Vlaanderen zeggen: Elke boer vangt vliegen mee zijn gat, als hij t op tijd zou kunnen toenijpen.
Wat wel een positieve ontwikkeling is het afgelopen jaar, zijn de vele paden en routes, het netwerk van regionale wandelpaden, die ontwikkeld zijn op het Zeeuwse platteland, zoals Sporen in de Zak, die het Zeeuwse platteland voor wandelaars beter ontsluiten, doordat je over delen van het land van een boer mag lopen, wat weer vele nieuwe en spannende routes oplevert en mogelijkheden schept om buiten actief bezig te kunnen zijn ..... Wat in landen als Engeland (the public footpath) al eeuwenlang normaal is, lijkt nu ook in Zeeland van de grond te komen en alleen daarom al hoop ik dat het voorjaar er snel aankomt - we hebben nog heel wat routes die we willen uitproberen. Maar ...... ja, alles heeft een maar! Wat gebeurt er als de boeren, die nu gecompenseerd worden voor het openhouden van de route ( tweemaal per jaar wordt zo'n pad gemaaid) geen vergoeding meer krijgen? Dan wordt dit wandelnetwerk letterlijk en figuurlijk een doodlopende weg, of met Zuid Bevelands gevoel voor understatement: Eindewege ...... ( Heinkenszand - Zuid-Beveland) ( oktober 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg
SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Schelderegio

donderdag 29 december 2011

Tomatenpuree

De wintertijd is normaal gesproken een vrij sombere grijze tijd - doordat de zon laag aan de hemel staat is het daglicht beperkt; de dagen zijn kort. In Noord Europa, waar de zon rond deze tijd helemaal niet meer boven de horizon komt, wordt het ook overdag niet licht - je zal er maar wonen. Ik las ergens dat het aantal mensen dat depressief is en het daarmee in verband te brengen aantal zelfdodingen, hoog is ..... Ik vroeg me af of dat bijvoorbeeld op Schouwen of Goeree ook al significant hoger ligt, dan bijvoorbeeld in Zeeuw-Vlaanderen - een leuk onderwerp voor een Zeeuws promotie-onderzoek wellicht. Een goed en effectief medicijn tegen deze winterdepressies schijnt kleur te zijn ........ niet voor niets worden in Finland in het hoge noorden de huizen in allerlei kleuren geschilderd? Dat zouden we hier ook moeten doen, in plaats van die saaie zwarte boerenschuren. Hoewel ...... bij de Roode Hoeve hebben ze't al begrepen!

Ik heb geen last van een winterdepressie - denk ik. Achter in de tuin bij de buren staat een schitterende boom vol bessen en op de tuintafel staat een bakje met rode sterappeltjes ..... Daar mogen de vogels van harte lust in graaien. Die bessen zijn van een soort rood, dat je alleen in goedkope kleurdozen tegenkomt - een haast onnatuurlijke kleur rood: sinterklaasrood, kerstballenrood of tomatenpureerood - hoe je't ook noemt, geen enkele naam benadert de werkelijkheid, al schijnt tomatenpuree alleen al door de kleur je saaie pasta te upgraden tot een zonnig voedzaam Italiaans hoofdgerecht - ik gebruik het graag tegen de winterdip. Als kind al werd je, vanuit een soort oerinstinct, geleerd dat je die rode bessen niet mocht eten - je kreeg er buikpijn van en voor wie er toch van at, was doodgaan een reële optie. Voor mij was die buikpijn al genoeg reden om er van af te blijven, want pien in me poke, daar had ik het niet op. De vogels schijnen de bessen ook niet zo lekker te vinden, want ze blijven meestal lang hangen, totdat er door vorst en sneeuw buiten helemaal niets meer te eten valt ..... dan vallen ze met z'n allen tegelijk op de boom aan en wordt hij binnen een paar dagen helemaal geplunderd. Maar goed, dan lengen de dagen alweer en zorgen de extra uren zonneschijn weer voor genoeg vitamine Z om de winterdip te bestrijden ....


Gisteren echter ontdekte ik een dikke merel, die hard aan zo'n bes stond te trekken en er mee weg vloog .......... en weer terug kwam en een volgende meenam ...... Of hij ze op at of er alleen maar zijn nest voor de kerst mee wilde versieren, weet ik niet, maar die langzame afbraak van mijn kerstboom bevalt me niks - het moet in ieder geval geen trend worden - daarvoor duurt de winter nog te lang. Moet ik nu de hele dag onder de boom gaan staan, joho roepend als een verlate kerstman in een winkelcentrum of volstaat een eenvoudige vogelverschrikker? Of zal ik het hondje van de buren vragen? Of mag je hiervoor ook een hagelkanon inzetten? Eens bij de gemeente informeren. Ik zou hem ook uit de boom kunnen schieten, maar dat staat mijn fijne motoriek en mijn geweten niet toe, bovendien is Zeeland sinds kort tien dierenagenten rijk ( geen keffend hondje met een politiepet op natuurlijk), die intensief op zoek gaan naar merels, die belet worden bij het fouragiëren. En die moeten scoren natuurlijk .......... En voordat je't weet zit je echt in de puree ...... tomatenpuree - rode tomatenpuree wel te verstaan - voor de prijs hoef je't niet te laten - voor 6 cent zit je in Heinkenszand al op de eerste rij (Heinkenszand - Zuid-Beveland) ( foto's: december 2010 - oktober-december 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse column over de Schelderegio.

woensdag 28 december 2011

Snokje

De seizoenen zijn als ankerpunten in een mensenleven. Een jaar vliegt;'t Hit open en dicht net as un tabakspot, zie mijn opa ...... voor dat je't weet ben je oud, werd er dan filosofisch aan toegevoegd. De winter, althans de periode dat je mag verwachten dat het wat kouder wordt, de zgn. meteorologische winter is al op 1 december begonnen, al hebben we daarvan qua kou en ellende nog maar weinig van gemerkt. Wat is er mooier dan 's morgens als je naar buiten kijkt een berijpte wereld te mogen aanschouwen - bomen en bladeren hebben een dus fragiel ijsrandje gekregen, rijm, d'n brêêm angt an de takk'n of 't Ei eriemd, noemen we dat, alsof de planten als bij een cocktailglas even in de suiker gedoopt zijn. Een breekbare wereld, dat alleen in tact blijft omdat er gen wind staat - niets beweegt. Eén klein zuchtje wind, één klein snokje en alles ligt op de grond.
Gelukkig laat de natuur zich niet leiden door ankerpunten die de meteoroloog verzonnen heeft - kijk maar eens naar buiten: Geraniums, die nog niet opgeruimd zijn staan nog te bloeien, net als de fuchsia's in onze tuin en fruitvliegjes zag ik zwermen boven rot fruit in de ruin. En in de groene bak waren jonge slakjes geboren - miniatuurtjes, klonen van hun ouders, die nog een aantal maanden moeten groeien voordat ze dezelfde omvang hebben als hun ouders. Hoezo dus meteorologische winter? De echte winter, met sneeuw, vorst, rijp en gladdigheid, die moet nog komen, al heeft Koning Winter al wel een keer gezucht ..... Zeeland glad - Zeeland plat!
De astrologische winter is weer heel wat anders - die was vorige week: Op donderdag 22 december 2011, om 6.30 uur precies. Nu ben ik een vroege vogel, dus had ik gepland om op tijd wakker te zijn om het fenomeen eens een keer mee te maken - te voelen - te ondergaan. Ik zal het uitleggen. Als kind herinner ik me dat ik op de middelbare school, op 't Goese Lyceum, uitleg kreeg over meridianen, zuiderbreedte en oosterlengte en zo, over de omwentelingen van de aarde, over dag en nacht, zomer en winter en hoe de aarde, die eigenlijk wat gekanteld is ten opzichte van de zon, in één jaar één keer heen en weer schommelt. Voor wie het niet meer kan volgen – simpelweg gezegd - halverwege onze herfst (oktober) en ons voorjaar ( maart) staat de zon loodrecht boven de evenaar. De aarde kantelt echter langzaam, zodat in de maanden november en december de plek waar de zon horizontaal boven de aarde staat, richting het zuiden zakt, totdat het rond 22 december loodrecht boven de Steenbokskeerkring staat, op 23º Zuiderbreedte. Dan hebben wij hier de kortste dag
Al als kind vond ik dit een fascinerend verhaal. Dat moment, dat ultieme moment, dat de aarde zijn kanteling stopt en weer de andere kant op gaat bewegen - dat lichte snokje, dat je ook bijvoorbeeld kunt voelen als je in een vliegtuig zit dat al taxiënd naar de slurf rijdt en dan zachtjes afremt om met een licht snokje tot stilstand te komen – het teken om de riemen los te maken. Dat moment; dat wil ik al sinds mijn puberteit meemaken - live als het even kan ........... Waarom de wekker niet was afgegaan, weet ik niet, maar wellicht had ik me niet gerealiseerd dat 22 december behalve de kortste dag, dus ook de langste nacht heeft. Ik werd pas tegen achten wakker - te laat dus. Balen dus ...... Weer een jaar wachten - vrijdag 21 december 2012 - om 11 over twaalf op de middag - nieuwe ronde - nieuwe kansen. En buiten komen de bolletjes al boven de grond en aan de blaadjes buiten was nergens riem te zien - dat is't 'r natuurlijk gewoon allemaal afgevallen deur dat snokje ...... troostte ik me, dan' êk't snokje wè nie evoelt, mè toch wè ezie! (Heinkenszand - Zuid-Beveland) ( november 2011)


Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Schelderegio

dinsdag 27 december 2011

Half werk ......

Oude grafstenen fascineren me - ze vertellen een verhaal van mensen, die, als ze hier niet begraven zouden zijn geworden en gedekt met een steen met naam en datum, voorgoed in de tijd verdwenen zouden zijn. In de Mariakerk van Nisse vond ik dit graf - het graf van Geeraert vander Nisse en Andrea van Oostende, beiden overleden begin 17de-eeuw. Wie binnen in de kerk begraven werd, moet wel vermogend zijn geweest of minstens in aanzien gestaan hebben, maar of Geeraert stinkend rijk was ..... dat weten we niet.

Grotere kaart weergeven
Geeraert vander Nisse zal, getuige zijn familienaam, wel gewoond hebben op het kasteel van Ternisse of dat Huis in ieder geval beschouwd hebben als de plek waar zijn voorvaderen vandaan kwamen. Dat Huis lag op een verhoging, een bergje, achter de boerderij, die nog steeds de naam Slot Ternisse draagt. Je kunt nog steeds in Nisse mooi de contouren van de grachten rond de buitenhof zien - een toegangshek draagt nog steeds de wapens van het geslacht. Het Huis van Ter Nisse ( ook wel Gerbernesse genoemd) moet er in de tijd van Geeraert nog volop bewoond geweest zijn - honderd jaar later laat Smallegange in zijn Cronyk nog een prachtig panorama zien van een uitgestrekt buiten. Het geslacht van Vander Nisse vinden we in de 17de eeuw vaak genoemd als burgemeesters in Goes - of Geeraert ook burgemeester geweest is, heb ik verder niet uitgezocht, maar waarschijnlijk niet, omdat dat anders wel vermeld zou zijn geworden op zijn steen. Zijn vrouw, huysvrouwe noemde men dat in die tijd, was afkomstig van het geslacht Van Oostende, dat oorspronkelijk uit het dorp Oostende, gelegen ter hoogte van de Biezelingse Ham bij Hoedekenskerke lag, verdronk en sinds die tijd woonachtig was in Torenburg in Goes, later Slot Oostende genoemd.

Het zijn altijd de notabelen, die begraven werden in de kerk en dat lijkt ook hier het geval. Wie in de kerk begraven wilde worden, moest welvarend zijn of in ieder geval een flinke zak geld ( of lenen of goederen) aan de kerk schenken en dat was natuurlijk voor de meeste stervelingen niet haalbaar. De iets minder vermogenden kreeg een plekje buiten de kerk, in de tuin vlak tegen de kerk aan, in het zgn. kerkhof. De grafsteen van Geeraert en Andrea ligt nu in de wandelkerk van Nisse - De grafstenen die her en der in de kerk lagen zijn alle na de laatste restauratie in de vorige eeuw hier terecht gekomen. Nu ligt alles er strak en onberispelijk bij - in de 17de eeuw zal dat wel eens minder fraai geweest zijn. Grafstenen lagen niet altijd gelijk, omdat iedere keer in de vloer van de kerk gegraven moest worden; vaak ook dekten de stenen het graf of de grafkelder niet meer goed af, waardoor de ontbindende lichamen soms onaangename geuren konden verspreiden - wierook hielp natuurlijk wel, maar rond 1600 zal de Mariakerk wel niet meer door de katholieken gebruikt zijn ..... . Vandaar ook dat we nu nog zeggen dat iemand met veel geld, stinkend rijk was .........
Op de grafsteen van dit echtpaar bevindt zich ook een wapen, waarop een wapenschild met een drietal lelies (en een niet zichtbare band), wat het wapen was van het geslacht Vander Nisse. Erboven een helm. Rond het gehelmde wapenschild vinden we nog vier wapenschilden, de vier kwartieren, de geslachtswapens van de afstamming van beider ouders, waarvan er twee nog in tact zijn en twee compleet vernield. Eén van de kwartieren bevat een paar huismerken, waarin je met veel fantasie een ploeg kunt herkennen - de andere lijkt "leeg" te zijn - misschien was één van de ouders wel gewoon een kind uit het volk: ook een edelman kan verliefd worden op de dochter van de melkboer toch? Het wapen van de Van Oostende's komt op de steen niet meer herkenbaar voor. Het gehelmde wapen van de Vander Nisse's is ook voor de helft vernield of weggehakt. Dat gebeurde in de tijd van Napoleon, de Franse keizer, die een eind wilde maken aan de superioriteit van de adel en de kerk.: Liberté, égalité, fraternité was hun devies - vrijheid, gelijkheid en broederschap. Alle wapenschilden, die verwezen naar een adellijke afkomst moesten verwijderd worden dus werd er heel wat afgebikt ..... De afbeeldingen in de wapens werden verwijderd. Waarom er hier maar half werk verricht is zal altijd gissen blijven, al denk ik dat de grafsteen van Geeraert vander Nisse en Andrea van Oostende waarschijnlijk voor een deel onder een bank of houten vloer verborgen gelegen heeft, waardoor de "grafschenders" er niet goed bij konden en dus maar half werk leverden. Eigenlijk moeten we blij zijn dat deze vandalen, want dat zijn het op de keper beschouwd, maar half werk geleverd hebben ...........
Eerder beschreef ik ook het graf van Sara Maria Laccher en Johan de Crane uit dezelfde Mariakerk.
( Nisse - Zak van Zuid-Beveland) ( augustus 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse column over de Schelderegio

maandag 26 december 2011

Zeeland glad - Zeeland plat

Uitwaaien - Ook gistermiddag nog even uit wezen waaien? Heb je ooit een mooier woord gehoord wat beter past bij deze streken? Bij Zeeland? Uitwaaien - een frisse neus halen - Het zou me niks verbazen als een onderzoek aantoonde dat de Zeeuwen dat het liefst aan het strand doen. Of de polder in - kraag omhoog - kop in de wind. Natuurlijk wel even snel de buienradar checken - Kijk, vroeger zou je naar de straatstenen, de bomen en de wolken gekeken hebben, maar die waren gisteren donker en lei en lei grijs!
Wat staat er veel water op't land! De regen van de afgelopen weken heeft nu al weer bijna voor een record gezorgd, hoorde ik op het Zeeuwse nieuws. Pompen en gemalen werken op volle capaciteit. Het lijkt wel of record na record sneuvelt - we hadden de natste zomer en de droogste novembermaand sinds mensenheugenis .... en daarmee bedoelen we: sinds we het weer meten ......... Sinds 1700 beschikken we over meetresultaten. Als we alleen maar afhankelijk zouden zijn van het menselijk geheugen, nou dan zouden er nog heel wat meer records sneuvelen, ben ik bang, records die we echter niet met cijfers kunnen staven. Vroeger ........... ja vroeger, lag er elke winter sneeuw en vroor het altijd streng - ijsbloemen op de ramen - de elfstedentocht stond vast gepland in de almanak en altijd een witte kerst. En wat te denken van de wind? Die had je toen altijd tegen .......
Afgelopen week werden we in Zeeland verrast door de eerste gladheid - De wegen waren spekglad en heel wat automobilisten en fietsers werden verrast door de spiegelgladde wegen. Er gebeurden heel wat ongelukken - fietsers gingen onderuit ....... Omroep Zeeland sprong als een geile bok boven op dit nieuws en riep iedereen op te Twitteren als het bij hen ook glad was ....... en dat gebeurde massaal. Ja, ier in Iese is't ôk hlat, en zu ên hlat nie estrôôid! En meteen dook Omroep Zeeland op die prangende vraag, die op ieders lip leek te liggen: Waarom was er niet gestrooid?, maar eigenlijk bedoelde men te zeggen: Hoe kon het gebeuren dat 's morgens de wegen zo glad waren? Naar wie kunnen we wijzen? Wie z'n schuld is dat? Een daarvoor aangestelde ambtenaar van de provincie moest tekst en uitleg geven: Er was wel gestrooid - om één uur 's nachts waren de strooiploegen opweg gegaan - daarna was het weer gaan regenen en klaarblijkelijk was al het zout weer van de weg gespoeld - Vlak onder de ochtend was het weer gaan vriezen en ja, dan heeft het strooien natuurlijk niet geholpen - Zeeland glad - Zeeland plat. Terwijl half Zeeland glibberend naar zijn werk ging, werden de strooiploegen nog een keer de weg op gestuurd - gelukkig kwam de zon er snel bij zodat alles toch nog vanzelf goed kwam.
Maar wie is nu eigenlijk de echte verantwoordelijke voor deze gladheid? De gemeente? De weerman? Het waterschap? Rijkswaterstaat? Het antwoord is net zo kort als het lang is - Koning Winter. In deze maanden van het jaar is hij de baas, dan wintert hij, met alle ongemakken die daarbij horen. Laat je niet verrassen door het weer - laat je eigen alarmbellen afgaan in plaats van je laten leiden door een weeralarm (weer zo'n nieuwerwets woord) en laat je zeker niet verleiden om meteen met je vingertje naar de instanties te wijzen, die jouw stoepje niet gestrooid hebben. Hulde aan die mannen en vrouwen, die bij nacht- en ontij erop uitgaan als er sneeuw of gladheid te verwachten is; die de noodpompen aanzetten als er teveel water in de sloten zit; die de windmolens de andere kant laten opdraaien als het mist; die de stormvloedkering sluiten als hoge waterstanden dreigen; die mijn kapsel weer fatsoeneren als de wind het verriennewêêrd heeft of die de modder opruimen als de regen de slik op de weg verraderlijk glad gemaakt heeft .……. en niet meteen met dat vingertje zwaaien of wijzen als de natuur of het weer zich niet een keer voorspelbaar gedraagt. Denk je dat er vroeger iemand ooit van een weeralarm gehoord had? Je ging gewoon niet met je schip eropuit als het stormde; de boot voer niet als het miste; de bus kwam niet als er veel sneeuw lag en naar de melkboer kon je fluiten als het ijzelde. Wie kon helpen, hielp, met sneeuwruimen of een omgevallen boom op ruimen - nu bellen we daarvor de gemeente. Wat mij betreft - neem je eigen verantwoording en handel ernaar als Koning Winter binnenkort uitpakt. En dat doettie - reken maar! Begin klein, eenvoudig, dicht bij huis, zie je werk, werd me vroeger ingepeperd. Als het volgende maand sneeuwt, vegen we gewoon de stoep voor ons huis schoon en dat van de buren als die oud zijn en dat niet kunnen – veeg je eigen stoepje schoon: letterlijk dusniet figuurlijk! ( Heinkenszand - december 2010 en 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse column over de Schelderegio

zondag 25 december 2011

Hans in't Bos

Als kind was de maand december een spannende maand - natuurlijk de komst van sinterklaas bracht veel onrust, maar ook de kerstdagen, vol lichtjes en brandende kaarsjes en kerstliedjes spelen op de blokfluit Nu syt wellecome .... Als de kerstboom weer in huis gehaald was en in een emmer met zand gezet, dan kon het optuigen van de boom beginnen - altijd weer een spannend gebeuren - de vertrouwde ballen en vogeltjes, vaak op plekken dof geworden door het kaarsvet van voorafgaande jaren, dat ingebrand was in het fragiele materiaal, uit het doosje-met-vakjes te voorschijn - de slingers, het elfenhaar ( een soort glaswol, want het prikte aan je handen) en, als slotstuk, in apart doos en vloeipapier verpakt, de piek. Die moest mijn vader er altijd opzetten ( die was het langst). Nieuwe ballen of kerstklokjes werden zelden tot nooit gekocht, zolang er nog genoeg "hele ballen" waren om in de boom te hangen - Trends? Hoezo trends ............ en in de boom kaarsjes, echte natuurlijk, die in een knijphoudertje gezet werden - natuurlijk zo, dat er geen takje in brand zou kunnen vliegen - er werd over nagedacht. Als de kaarsjes eindelijk aanmochten, met kerst pas uiteraard en alleen als er iemand bij was en een spons en emmer water onder handbereik, dan rook het hele huis naar kaars en den. Op kerstdag was er ook altijd een kerstdienst van de zondagschool - dan zat de hele kerk van Hoedekenskerke vol, de protetantse kerk eertijds gewijd aan Sint-Joris, maar dat wist niemand meer. Opoe en meer vrouwen in klederdracht, hadden hun zondagse kap op - daar kon je beter niet achter zitten. In de hoek naast de preekstoel stond de grote kerstboom, die zo hoog was, dat de bovenste kaarsen aangestoken moesten worden met een lange stok waarop een kaars stond. Dat aansteken van de kaarsjes, daar was je nooit bij - die brandden al als je de kerk binnen kwam - wel herinner ik me de stok met spons, die gehanteerd werd door de koster als een kaarsje wel erg gevaarlijk ging wapperen of walmen ....... Was dat de hand van Onze Lieve Heer? Ik vroeg me altijd af hoe ze zo'n hoge boom in de kerk gekregen hadden. En al die kaarsjes erin .... De lichtjes weerspiegelden in de grote hoge kerkramen - dan gaf een bijzondere sfeer ...... Soms had je een stukje tekst op te zeggen - dat was spannend en het was dan moeilijk om stil te blijven zitten in de groene harde houten banken - de voeten op de grote ronde verwarmingsbuis, want verder was de kerk niet echt verwarmd. Buiten lag er soms sneeuw. Na afloop van de dienst kwam het hoogtepunt, waar je elk jaar weer naar uitzag, want dan kreeg je een cadeau - een kerstgeschenk - een boek ........... vaste prik. Hans in't Bos van W.G. van der Hulst - boeken met een christelijk sausje, dat wel, maar daar had je geen erg in toen, want je moest er natuurlijk wel iets van mee krijgen. Het feit dat je een boek kreeg, een BOEK, was al heel bijzonder! Een boek met een kleurige tekening op de voorkant - niet zo'n saai in chocoladebruin kaftpapier verstopt boek uit de consistorie waar de bibliotheek van het dorp was ..... Het boek Hans in't Bos herinner ik me nog goed, natuurlijk omdat het leek alsof je zelf de hoofdrol speelde. En toen mijn broertje, Jan Peter, eens tijdens zo'n zelfde kerstfeest Jan-Peter's geschenk uitpakte, kon er geen sprake meer zijn van toeval. Dat je vader en moeder, net als bij sinterklaas, daar iets mee te maken hadden, ontging je .... Een boek, samen met de sinaasappel, hoorde bij de kerst ....... Zou het daardoor komen dat ik zo rond de kerst nog steeds onrustig word, als ik een boekwinkel binnenstap?(Hoedekenskerke - Zuid-Beveland) ( oktober 2009)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: SlikopdeWeg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse column over de Schelderegio

zaterdag 24 december 2011

Feniks

Wie anno nu door de binnenstad van Middelburg loopt zal zich nauwelijks nog realiseren dat bijna alles wat hij daar aan huizen, winkels en gebouwen aantreft, waarschijnlijk niet veel ouder is dan 65 tot 70 jaar. Ik maak me trouwens sterk dat, als je op donderdag een aantal willekeurige bezoekers van de weekmarkt aanspreekt en hen vraagt uit welke tijd de huizen langs het plein dateren, ze met hun mond vol tanden zullen staan ............ Zegt de datum 17 mei 1940 u iets? zou een tweede, wellicht iets verhelderende vraag kunnen zijn, maar het merendeel van de marktbezoekers was op die datum nog niet eens geboren; veel reacties zou het niet opleveren - verwacht ik. Natuurlijk - de oudere Middelburgers is die datum in het geheugen gegrift - op die dag, immers, werd de binnenstad, door wat nog vaak als het Duitse bombardement op de stad omschreven wordt, in zijn geheel vernield. Een catastrofe van ongekende omvang, die, hoewel in omvang niet vergelijkbaar, vergeleken kan worden met het bombardement op Rotterdam enkele dagen daarvoor .......
Terwijl men in Rotterdam, waar de hele binnenstad door Duitse Heinkel bommenwerpers op 14 mei 1940 na het verstrijken van een ultimatum werd plat gegooid, koos men voor algehele nieuwbouw; in Middelburg werd tijdens de eerste oorlogsmaanden besloten de oude historische gebouwen als het Stadhuis en de Abdij opnieuw in oude luister te herstellen, terwijl de honderden andere gebouwen, woonhuizen en winkels, die verwoest waren, herbouwd zouden worden in een traditionele stijl, die recht zou doen aan het historische karakter van de stad ......... Aldus geschiedde en in de tien jaar die volgde werd het hart van Middelburg opnieuw ingericht ( zelfs het stratenplan werd enigszinds aangepast).
Wie rondkijkt op de Markt van Middelburg en in de straten er om heen kan deze na de oorlog herbouwde huizen en winkels herkennen aan een, op drie meter hoogte, ingemetselde tegel met daarop de feniks, de vogel, die volgens oude antieke verhalen herrees uit zijn as - net als de stad. Dankzij de consquente handhaving van deze wat traditionele bouwstijl, met onderlinge variaties, die binnen dit concept werden toegestaan, maakt dat de gevelwand langs de Markt het idee geeft dat deze plek altijd zo geweest is ...... alsof de bebouwing langs het plein, net als het stadhuis, uit huizen bestaat die al vele eeuwen geleden gebouwd zijn. Dit houdt uiteraard in, dat verbouwingen of aanpassingen aan een winkelgevel, steeds weer getoetst moeten worden en dan botsen de belangen nog wel eens! Opvallend is de glazenpui, die voor de gevel van boekhandel De Drvkkery geplaatst is - deze boekhandel vestigde zich eind vorige eeuw in de voormalige drukkerij van de Provinciale Zeeuwse Courant, die aan de markt gevestigd was en groeide uit tot één van de beste boekhandels van ons land. Hoewel er aan de gevel geen noemenswaardige veranderingen plaatsvonden, valt de grote glazen pui op, die een meter voor de gevel is neergezet. Maar je kunt je voorstellen dat er sceptici zijn die de opvallende glazenconstructie voor de ingang niet vinden passen op de historische markt ....... Bovendien, voert men aan, wordt de glazen plaat gebruikt voor promotiedoeleinden, waar je niet omheen kunt ......... Argumenten voor en tegen vliegen in zo'n discussie om je oren - terecht of onterecht of is er hier meer aan de hand - is er hier sprake van de splinter en de balk? Want als het gaat over ... reclame waar je niet omheen kunnen....! Heb je wel eens geprobeerd om lopend, met je blik op je i- of smartphone, door een moderne winkelstraat te lopen? Dat is levensgevaarlijk; voor je't weet lig je met je dure speeltje op de grond, omdat je tegen een uitstalling of reclamebord bent gelopen - over er niet omheen kunnen gesproken. Ware het niet beter als we alle reclame uit de straten zouden verwijderen, inclusief die aan de glazen gevel van De Drvkkery? We metselen dan gewoon op drie meter hoogte een tegeltje in met een QR-code, die verwijst, even de juiste app installeren, naar de historische betekenis van een pand of de aanbiedingen van de week ....... dan is iedereen tevreden en de stad behoudt zo haar unieke historische karakter en de middenstand kan zich promoten ....... Middelburg herrijst dan als de feniks uit haar as (Middelburg - Walcheren) ( maart 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijksde Zeeuwse column over de Schelderegio