maandag 9 januari 2012

Somalische piraten

Het Huis Lampsins, het Lampsinshuis hoor je vaker, aan de Nieuwendijk in Vlissingen dateert uit de 17de eeuw en werd gebouwd door een rijke Vlissingse koopman Cornelis Lampsins. Deze Kees Lampsins was als een soort 17de eeuwse Piet Vroon uit Breskens, één van de grootste reders van Zeeland en zou in de Quote van 1650 geen gek figuur geslagen hebben in de lijst met rijkste Zeeuwen.
De witte voorgevel is opgetrokken in de classicistische stijl, d.w.z. dat er elementen uit de Griekse- en Romeinse oudheid in verwerkt zitten. Voor de 17de eeuwer was de oudheid ook al lang geleden, maar het was hip als je aan je huis liet zien, dat je je door die tijd liet inspireren. De gewone Vlissinger was al blij dat zijn dak niet lekte of dat de schoorsteen rookte. Je herkent bijvoorbeeld aan de voorgevel van het huis meteen de driehoek bovenin, het fronton of pediment dat verwijst naar de Griekse tempels uit de oudheid. Ook boven de ramen van de eerste verdieping zijn deze frontons terug te vinden. Die slingers, gordijnen onder de ramen zal wel een idee van zijn vrouw Janneken geweest zijn.Boven de ingang is het familiewapen van de Lampsins aangebracht, een lam met een soort fietsvlaggetje. Dat was handig, want de meeste Vlissingers konden niet lezen of schrijven en zo'n familiewapen snapte iedereen; bovendien lijkt me zo'n vlaggetje toen al extra veilig als je je door het drukke Vlissingse verkeer beweegt.
Bovenop het huis had Cornelus een torentje laten zetten, waarvanuit hij de ingang van de haven en de mond van de Westerschelde kon overzien. Dat was handig voor zijn planning van de dag als als een soort buienradar avant la lettre.
Het huis werd in 1641 gebouwd op een plek waar eerst twee oudere huizen hadden gestaan - de kelders van deze twee huizen bleven bewaard. Daar kun je nu nog in als je het maritiem MuZeeum bezoekt, waarvan het Lampsinshuis onderdeel uitmaakt. In het MuZeeum hangt o.a. een oud schilderij van Vlissingen, waarop je het wit gepleisterde Lampsinshuis op kunt zien en je hoeft maar weinig fantasie te hebben om, op een zonnige dag in de zomer, Michiel de Ruyter met zijn vrouw Anna en stiefzoon Jan langs te zien lopen op de Nieuwendijk, de hond uitlatend, op weg om een boulevaartje te pakken of een terrasje aan het Bellamypark. De tijd dat Michiel moest werken op de touwslagerij van de Lampsins aan de overkant van de haven, lag al jaren achter hem en dat interesseerde hem niet meer zo; ondertussen heeft hij al heel wat lastige klusjes voor de admiraliteit mogen opknappen. Als 'tie zou willen zou hij zo mee kunnen op een schip van rederij Vroon om Somalische zeerovers te bestrijden ..... Je hoefde Michiel immers niets meer te vertellen over kapers; één sms-tje zou genoeg zijn om hem over te halen mee te gaan! (Vlissingen - Walcheren) ( foto's: september 2011)
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Schelderegio

2 opmerkingen:

  1. Leuk verhaal, maar wel met een aantal onvolkomenheden.

    Cornelus moet zijn Cornelis
    Bron: http://www.genealogieonline.nl/stamboom-koeiman/I1320.php

    Het lam boven de ingang in pas in de 19e eeuw verzonnen als verwijzing naar de familie Lampsins die er dan al bijna 200 jaar niet meer woont. Lezen en schrijven was toen al algemeen. Bron: P.K. Dommisse, 'Register van merkwaardige panden binnen Vlissingen

    Van de oorspronkelijke panden van voor het Lampsinshuis is veel meer dan alleen de kelder bewaard. De rechterzijde (als je er naar toe kijkt) is nagenoeg geheel herbruikt. Dat kun jaegoed zien aan de plafonds op de begane grond en de 1e verdieping in de kamers aan de achterzijde. Bron: Historisch Bouwonderzoek Lampsinhuis door R.J. Den Broeder en W.I.M. Weber.

    Heel veel fantasie is nodig om De Ruyter in zijn tijd te zien flaneren over de Boulevard, omdat die pas in de 20 eeuw in aangelegd. Ook het terrasje pikken kon toen niet, omdat het Bellamypark pas is ontstaan in 1909 door demping van de Koopmanshaven. De huizen op foto staan overigens niet op het Bellamypark, maar de Smalle Kade. Bron: H.P. Winkelman, 'Geschiedkundige plaatsbeschrijving van Vlissingen.

    De Ruyter was inderdaad een kaper, maar de Somaliërs zijn dat niet. Dat zijn piraten. Er is verschil. Een kaper als De Ruyter doet zijn werk legaal, dat wil zeggen in opdracht en met toestemming van een politieke verantwoordelijke. De buit is voor de opdrachtgever. Piraten als de Somaliërs doen het voor eigen gewin. En is zelfs in Somalië illegaal. Bron: Kapers op de kust : Nederlandse kaapvaart en piraterij 1500-1800 door R.B. Prud'homme van Reine en E.W. van der Oest.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Bedankt Dick voor je uitgebreide historische rechtzettingen en -aanvullingen! Ze zijn alle terecht! - Er zijn er zelfs nog wel een paar meer toe te voegen. SlikopdeWeg probeert dan ook op (niet altijd even) serieuze manier haar fascinatie voor de Schelderegio uit te dragen ..... net zo als je in de herfst door Slik op de weg onaangenaam wordt verrast en je moet laveren om op koers te blijven, zo probeert SlikopdeWeg de lezer te verrassen en lavert het tusen feiten en fictie. Als er nu één persoon de volgende keer als hij / zij over de Nieuwendijk in Vlissingen loopt even wat langer naar het Lampsinshuis kijkt, dan heeft SlikopdeWeg haar doel al bereikt!

    Groeten,

    Hans Koert
    slikopdeweg@live.nl

    BeantwoordenVerwijderen