zondag 25 maart 2012

Cro-Magnon

 Gekken en dwazen ..... schrijven hun namen op muren en glazen, beweert een oude zegswijze en als me dat gezegd werd, als kind, bedoelde mijn moeder, dat ik dan moest stoppen om, bijvoorbeeld, met een rode bloempotscherf ( stoepkrijt kenden we niet), de muren of het straatje achter ons huis, vol te schrijven met rare woorden of even vreemde tekeningetjes .............
 Van graffiti had ik als kind nog nooit gehoord op ons kleine dorpje en ik kan me niet meer herinner, wanneer ik voor het eerst met dit soort uitingen bewust geconfronteerd werd; wellicht als we naar de grote stad gingen, naar Rotterdam, vanuit de trein  .............. Voordat die het Centraal Station bereikte, reed je langs de achtertuintjes van volkswijken, waar verkrotte woningen ruimte boden aan graffiti ............. Het voelde unheimisch .... 
 Tijden zijn veranderd. Als ik het tunneltje onder de Drieweg doorrijdt, word je als argeloze fietser verwelkomt door allerlei onsamenhangende kreten, die aan het beton zijn toevertrouwd. Het zal toch niet zo zijn dat de schooljeugd, die elke namiddag de Zuid-Bevelandse polders doorkruist door weer en wind, op weg naar de warme kachel, in plaats van met een hoofd vol nieuwe kennis en schooltassen vol thuiswerk om dit te doen beklijven, met gezwinde spoed  en een gezonde trek op weg naar huis, waar moeders wachten met de thee en een Bastognekoek, zich hier mee bezig houdt?

 Of zou het zo kunnen zijn, dat ze, wellicht overvallen, door een onverwacht opkomende onweersbui, vluchtend bij de eerste druppels, schuilend in dit tunneltje het eind van de bui afwachtten? Als een soort prehistorische grot, dat mag dienen als een 't-is-zô-wé-over alternatief voor het regenpak? Om dan, net als ooit de eerste oermensen, weggedoken in hun grot voor de weergoden buiten, angstig weggedoken in hun tijdelijke schuilplaats, uit respect voor de donder en  bliksem buiten, bij gebrek aan een zinnig tijdverdrijf, overgeleverd aan een mateloze verveling dan wel meligheid, zich te uiten met potlood en kleurstiften op de nog maagdelijk witte muren?   Mythische gecodeerde teksten, straattaal, gelardeeerd met eenvoudige sche(r)tstekeningen, toevertrouwd aan de uitnodigende betonwanden, als Cro- Magnonmensen uit de iPodtijd: Je hoort de archeologen uit 3012 gewoon hun hypothesen opbouwen .....
 Ik heb weinig bij dit soort graffiti, omdat ik vaak de zin, of anders gezegd, de cultuur erachter niet begrijp. Dat zal wel aan het feit liggen dat ik van een andere generatie ben. Ik groeide op in een tijd waarin dat choqueren ook bij het opgroeien hoorde, maar we deden't subtieler, door bijvoorbeeld in onze agenda’s de fotoafbeeldingen van popartiesten (Buddy Holly - Elvis Presley - Johnny Jordaan - The Dutch Swing College Band), van een brilletje of een dun snorretje te voorzien - eerst zo'n klein streepje á la Adolf Hitler, maar dat dan toch maar snel groter makend, omdat dat toch wel erg provocerend was ............ Wat dat betreft past graffiti wel in dat beeld .....

Onlangs trof ik bij de EmTé, een uiting van grafitti aan, een vorm van baldadigheid, kattekwaad, nog zonder -n-, dat wel een beetje past bij onze leuk-normen - Eerlijk gezegd, denk ik, dat ik dit toen best zelf had kunnen verzinnen en misschien ook wel stiekem had durven uitvoeren -  graffiti á la de jaren zestig, dat paste binnen onze schoolagendacultuur en binnen ons denkraam ............ Maar echt, eerlijk, hand op mijn hart, ik mag er dan nu licht om kunnen glimlachen - ik zou dat nu echt niet meer doen ............. Ik zweer 't!
Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twittter: #slikopdeweg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse column over de Schelderegio en haar bewoners

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen