maandag 5 maart 2012

Vroegh ter scholen zijn en savonts wat spade .....

De Noord-Hollandse schoolmeester Dirk Adriaensz. Valcoogh, moet één van de eersten geweest zijn die zich rond 1600 zorgen maakte over het onderwijs in Nederland. Hij schreef er een boekje over, dat hij De Reghel der Duytsche Schoolmeesters noemde en, zoals je weet, betekende Duytsche in die tijd iets anders dan tegenwoordig - net als in het Wilhelmus wordt met Duitsch - Diets, of wel Nederlands (Dutch!) bedoeld.
Ik vond het boekje destijds, samen bij tientallen andere oude boekjes, meest almanakken, als kind bij mijn oma in Wolphaartsdijk op zolder, die op de vliering een aantal dozen had staan waarin deze boekjes zaten - erfstukken, die eeuwenlang van vader op zoon bewaard waren - zonde om weg te gooien. De almanakken, het handboek voor de serieuze akkerbouwer, aangezien er o.,a. de weersvoorspellingen en jaarmarkten genoteerd waren, zijn in de familiegeschiedenis wel te verklaren - De Reghel moet afkomstig zijn van een verre voorouder die zich in de 17de eeuw wilde verdiepen in de Const .... hoe sy gestelt moeten zijn, die een ander willen leeren .... Een oud boekje met Zeeuwse roots dus ..........!
Valcoogh, die Schoolmeester was in Barsingerhorn in West-Friesland, begint met een jammerklacht over de kwaliteit van de meesters, de Schoolmeester voor de klas - juffen niet, want die hadden zich toen nog geen plekje binnen de school veroverd in het onderwijs en de Schoolmeesters verdrongen ......... Hij begint zijn boekje met: Als ick aenmercke de plompheyt ende ongeleertheyt, die dagelijcx wordt gheuseert bij de Hollandtschen, Vriesschen, ende Zeeusschen (sic) Schoolmeesteren, die Prochie-Kercken bedienden: want die slechts een naem conde schrijven, ende een Psalm onstichtelijcken singhen, begven henterstont totten School-dienste ende wilden terstont groote Meesters zijn ........ Zoals je ziet richt Valcoogh zich ook, specifiek tegen de Zeeusschen Schoolmeesters ....... al vindt hij de spelling van het woord nog moeilijk! De klacht van Valcoogh is duidelijk - de kwaliteit van het onderwijs was niet goed - de Schoolmeesters bakten er weinig van. En laten we eerlijk zijn - wie lichamelijke gebreken had of anderzijds ongeschikt was voor (zwaar)lichamelijke arbeid kon altijd nog Schoolmeester worden in die tijd, een onderbetaalde baan, vaak aangevuld met allerlei bijbaantjes, zoals grafdelver of klokkenluider!
 
De kwaliteit van het onderwijs is anno nu gelukkig sterk ontwikkeld en er is veel expertise in het onderwijs bijgekomen. Het ministerie heeft een nieuwe term ontwikkeld, passend onderwijs, een term die Valcoogh nog niet kende, maar in zijn didactiek wel aansneed, waarin de scholen de kinderen onderwijs op maat geven; onderwijs dat aansluit bij de leerlingen. In plaats van er voor te zorgen, dat deze opdracht naar vermogen kan worden uitgevoerd, snijdt de huidige regering in de extra hulp, die leerlingen met leerachterstanden kunnen helpen en ontslaat leerkrachten, die zich in deze problematiek gespecialiseerd hebben - jonge enthousiaste juffen vinden geen baan en gaan iets anders doen. De klassen, in het reguliere onderwijs, worden dus groter net las de leerproblemen binnen de groep ...... en de leerkracht voor de klas mag het uitzoeken .... wordt in de steek gelaten ........ 't Lijkt de omgekeerde wereld wel ... Valcoogh zou zijn schouders hebben opgehaald en er niets van hebben begrepen! Ik denk dat ik het hoofdstukje Een vondt ende maniere/ hoe men des daegs vier hondert kinderen sal hooren, nochtans goede instructie ontfangende ...... (blz. 16) nog eens goed zal bestuderen - wellicht heeft Valcoogh nog wel wat goede tips om een volle klas vol leergierige kinderen te "regeren" , zoals hij dat zelf noemt ...........
Valcoogh’s wanklacht is na 400 jaar weer pijnlijk actueel, alsof we weer teruggaan naar af …. - vierhonderd kinderen in een groep is wat veel, maar toch ..... 't Zou zomaar weer kunnen - 't Is wel een stuk goedkoper! De Schoolmeesters staan weer in de kou:

Een Schoolmeester die vier hondert kinderen wil regeren
En wil maken dat de selve wel leeren/
Hy moet op sijn doen wel vlijtigh staen gade/
Vroegh ter scholen zijn en savonts wat spade/
Want met grooten arbeydt salt moeten zijn ghedaen.

Hans Koert
Schoolmeester
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg
SlikopdeWeg: een Zeeuwse column over de Schelderegio en haar inwoners

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen