vrijdag 20 juli 2012

Mossengilde

 Wie op het platteland woont mag van geluk spreken - allerlei stadse ongemakken gaan aan zijn deur voorbij, al lijken typisch stadse fratsen als graffiti, vernielde bushokjes, fietsendiefstallen, veel blik langs de stoeprand en hondenpoep voor de deur, zich niet meer te beperken tot de verstedelijkte gebieden.
 Mensen, die uit de Randstad naar Zeeland gekomen zijn, roemen haar natuur, haar weidsheid en haar rust. Wie zich buiten de dorpen gevestigd heeft in Schouwen, Zeeuws-Vlaanderen of Zuid-Beveland, ervaart de wisseling der seizoenen op een intense manier, die voor de plattelander als vanzelfsprekend beschouwd wordt ...... De boeren, die de lege ruimte tussen de dorpen beheren, moeten leven van wat de grond opbrengt en dat geeft soms ongemakken en wrijvingen door tegengestelde belangen.
Bij het exploiteren van akker- en tuinbouwgronden horen nadelen - zo zijn er nogal wat dieren, die graag een graantje mee willen pikken of niet kijken op een vrucht meer of minder, tot verdriet van de landbouwer. Vroeger zwierven mussen rond de boerderij en deden zich tegoed aan de gemorste tarwekorrels terwijl duiven zich op de erwten stortten.  

De zwermen mussen, die onze graanvoorraden bedreigden, gingen de boeren te lijf met behulp van de zgn., mossengilden, waarbij (vaak) ongetrouwde mannen mussen vingen of schoten (met een buks) en voor, laten we zeggen, een twintigtal ingeleverde pootjes, een kleine, maar voor die tijd relevante vergoeding kregen. Zo werd de mussenplaag, en het probleem van hangjongeren, op een, voor die tijd effectieve en acceptabele wijze, bestreden. Nu zijn deze mossengilden zieltogende verenigingen, die éénmaal per jaar samen de contributie verteren - hun doel lijkt gevlogen - Las ik niet ergens dat de (huis)mus zo langzamerhand ook bij de bedreigde diersoorten hoort en niet meer in onze tuinen wil komen?
 Zo werden er allerlei oplossingen gezocht om on-gedierte ( net als on-kruid iets wat je niet moet willen hebben) te verjagen. De vogelverschrikker op het land, de zwaluwen gekoesterd als insectenverdelgers; de boerderijkatten en de kerkuilen om de muizen te verjagen en de waakhond tegen andere on-gewenste indringers.
 De afstand tussen boer en dorpeling is de laatste decennia sterk veranderd - het aantal boeren loopt gelijk op met de mussenstand, lijkt het wel en de nieuwe dorpelingen, vaak vanuit de stad naar het dorp getrokken voor de landelijkheid en de rust, hebben weinig binding meer met het agrarische ...... Ze genieten van de bloesem van de boomgaarden in het voorjaar, maar het plukken wordt overgelaten aan Oost-Europese seizoensarbeiders.
Ze kopen uien aan een wegstalletje en vragen zich niet af hoe die daar gekomen zijn. De protesten tegen de hagelkanonnen lijken wat geluwd ( wacht maar, tot er een professor opstaat, die beweert, dat al die kapotgeschoten hagel, als regen naar beneden komt - zul je ze weer horen) en nu komen de ....... vogelknallers aan bod. Fruittelers, witlof en bonenkwekers, zo las ik in de krant, hebben het aloude knalapparaat weer van de vliering gehaald en nu hoor je, zo af en toe, een knal die het gevederde volk van de akkers moet verjagen ........ Bij de gemeente Borsele zijn al zo'n 25 boze reacties binnen gekomen ........
 Deed me denken aan vroeger. Toen stonden er overal van die knalapparaten, die je af en toe wezenloos deden schrikken als je er langs fietste; het zag er erg serieus uit - een soort fufuzelatoeter, met een gasfles ernaast - een modernere versie van de carbidbus.  In de kersenboomgaard van mijn oom was een ingenieus touwstelsel aangebracht met allerhande lege conservenblikken, dat aan het  klinken gebracht kon worden door de boerin of de kezenwachter door fiks aan het touw te trekken. De spreeuwen, net bezig aan hun middagmaal, schrokken zich dan een hoedje en vlogen terstond naar de boomgaard van de buurman, totdat ..... ze door hadden dat die herrie geen directe gevolgen had vor hun welbevinden en ze alleen maar, gestoord in hun maaltijd, hun kopje even ophieven, voor aan een nieuwe sappige kers te beginnen. Vroeger waren er echt kezewachters - schoolhuus vaak, die met een ratel of twee pandeksels door de boomgaard gingen en na een dag lawaaimaken een paar cent als dank kregen. 
 Zouden we niet weer een soort burgerwachten kunnen formeren, die proberen om, met de blote hand, de duiven en spreeuwen van akker en boomgaard te verdrijven? Of de ganzen vanaf ons sappige grasland of start- en kandingsbanen op te jagen naar het land van de buren? Er moeten toch nog wel een paar fufuzela's (z.g.a.n. t.e.a.b.) circuleren op Marktplaats?  
Er zullen best nog wel een paar ingedutte afdelingen van het zgn. mossengilde te vinden zijn, in katholieke dorpen meest gewijd aan de heilige Sint-Albertus. 's Heer Abtskerke heeft (of had) de oudste en ook in Oosterland, Zierikzee en Renesse schijnen er nog te bestaan, die de boel kunnen coördineren ....... Wedden dat dan de kloof tussen agrariër en dorpeling een stuk kleiner wordt?  Wedden dat dan de vogelknallers weer snel geaccepteerd zullen zijn?  

 Hans Koert
slikopdeweg@live.nl

Treed toe tot de vaste groep Slikopdeweggers: meld je aan en hoor er bij:  Feesboekgroep Slik op de Weg ( registreren)

SlikopdeWeg: Al 1100 keer de Zeeuwse blog voor de Schelderegio en haar bewoners

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen