maandag 1 oktober 2012

'n Motje?

 Ik heb vernomen dat het wellicht al deze winter in het kerstpakket zou kunnen zitten – ik geef toe – het is vrij prijzig en daarom hoeft de gemiddelde werknemer er wellicht nog niet op te rekenen – nee, de kerstpakkettenverkopers mikken op tweemaal de Peys-normhet bonussegment za'k 't maar noemen; directeuren van woningbouwcoöperaties ......dat soort volk - daar hebben we't over! Niet over modaal tot tweemaal modaal dus ..... Aangezien ik bij die laatste groep zit, hoef ik er voorlopig ook niet op te rekenen: Hoera …. Toastjes en makreelfilets-in-tomatensaus - servetten,  een glazen vaas en een amaryllisbol – de baas heeft weer uitgepakt. …………


 Hewonnen en heboore .... in de Zak van Zuid-Beveland aan de boorden van de Westerschelde, zou ik het wel graag willen weten. Als kind al rende ik rond, galopperend als zat ik op een paard, over de paadjes door de achtertuin met in mijn hand een zelf gemaakt houten zwaard. Ivanhoe was mijn held – de wekelijkse uitzendingen werden begin jaren zestig uitgezonden door de KRO, waarschijnlijk op woensdagmiddag, waarbij we dan, op de grond gezeten, gordijnen dicht, met een streng geselecteerde groep ( geen open Facebookuitnodiging dus), de spannende avonturen van Roger Moore tot ons namen – daarna speelden we het buiten na …………….

Willem de Vrieze van Oostende
 
Willem was de eerste historische figuur, een ridder nog wel,  die ik in’t echt tegen kwam …….. natuurlijk niet op een paard galopperend over de Veerweg, maar liggend voorin de kerk, de kerk van Hoedekenskerke, nu De Ark genoemd en in de middeleeuwen aan St. Joris gewijd, op een hardstenen plaat. Voluit heette hij Willem de Vrieze van Oostende en, zo vertelde het randschrift, hij lag daar al zo n 500 jaar …….. Hij was gekleed in een harnas, zoals het hoorde en aan zijn voeten lag een hond, een hazenwindhond. ……… Naast hem, op de steen rondom hem lagen zijn handschoenen, wanken ( met een k, noemden we die toen) zo als ik ze ook in de winter wel aan moest als er op de Sluspit geschaatst werd ...... en zijn helm ……….. Links aan zijn riem hing een zwaard en onder zijn hoofd, een beetje comfort mag wel op zo’n kouwe harde steen, een kussen met kwastjes …………..


 Toen ik een jaar of vijftien was werd achter ons huis een schuur gebouwd op het voormalige kerkhof van Vinningen en daar kwamen eeuwenoude knekels en schedels uit te voorschijn. Ik heb toen, op het stoepje bij 't Kaernkot, met een putevildertje de klei uit de oogkassen zitten halen en later met een tandenborstel de laatste restjes klei verwijderd ..... De losgeraakte kiezen plakte ik terug met Bisonkit ...... In de Bevelander ben ik nog vereeuwigd met m'n schedel in de hand.


 Aangezien ik er niet op moet hopen, dat mijn baas al deze winter een DNA-doe-het-zelf test in mijn kerstpakket zal stoppen - daar zijn de tijden niet naar - het ik besloten om me te melden als “oud-Vlissinger”. Uiteindelijk is dat een term waar ik voor bijna 50% aan voldoe …. Voor de meeste jongeren is 60+ immers al oud …… Wellicht kan dan mijn DNA vergeleken worden met het DNA van mijn schedel ........ op zoek naar mijn middeleeuwse roots.

Jacob Adriaensz. Lantmetersz.

Wellicht ontdekken ze wel, dat mijn genen overeenkomsten hebben met de opgegraven knekels uit het kerkhof van Vinningen, al besef ik dat dat nog geen garantie is, dat ik ook adellijk bloed in mijn aderen heb – dat ik een nazaat van de Vrieze's van Oostende ben …… van die ridder voorin de kerk, die Ivanhoe avant la lettre ......  Misschien een nazaat van een simpele schildknaap of een stalknecht of mocht ik tweemaal daags de hond van het kasteel uit laten ………… Hoewel …… In de kerk van Hoedekenskerke ligt ook een zerk van Jacob Adraensz. Lantmetersz., eertijds pastoor in de kerk van Hoedekenskerke - De zoon dus van een landmeter, destijds een eerzaam beroep, die monnik geworden is .... De overeenkomsten tussen mijn en zijn haardracht behoeft geen DNA-proef – 't zelfde hoge voorhoofd, de kale kruin, de wallen onder de ogen en de stoppels aan de kin .....  Zou ‘k dan toch een afstammeling van deze pastoor zijn? Van een stoppelwêêuwe zoals ze zo'n ongetrouwde moeder noemden? Zo ene die ’t anouwe at mie d’n pastoor? ’n Motje dus? .............  Laat die DNA-test maar zitten …………… ik wil het eigenlijk al niet meer weten ..... 

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl

Feesboekgroep Slik op de Weg ( je moet wel ingelogd zijn op Feesboek)
SlikopdeWeg: Al 1100 keer de Zeeuwse blog voor de Schelderegio en haar bewoners

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen