zaterdag 30 maart 2013

Agape

Eén ei is geen ei – twee ei is een half ei en drie ei is een paasei ………….. Dit liedje kennen we wellicht nog wel vanuit onze jeugd. Het werd, volgens de overlevering, gezongen met palmpasen, waarbij kinderen langs de huizen gingen en dit liedje zongen  – het liedje refereert aan de gewoonte om de kinderen met Pasen drie eieren te geven, een luxe in vroeger tijden, als je zelf geen ‘oenders had, een teken van het nieuwe leven, maar vooral ook een welkome aanvulling op het schamele karige dieet, dat zo aan het eind van de winter erg eenzijdig was  …………..
Als kind werd ons al voorgehouden dat meer dan één ei per week ongezond was en dat gold ook, om de een of andere vreemde reden, voor chocolade-eieren. Een paasmaaltijd met drie eieren was dan ook iets bijzonder feestelijks.  Toen na de oorlog nog veel artikelen op de bon waren, schreef het Zierikzeesch Nieuwsblad van 2 april 1947 dat een derde ei er met Paschen nog niet in zat ....... één ei is geen ei - twee ei is een half ei en drie ei is een paasei. Hoezo crisis!



uit het Zierikzeesch Nieuwsblad ( 1900)(bron; zeeuwsekrantenbank.nl)

 Eieren waren in het voorjaar erg in trek – logisch. Als je de kranten van honderd jaar geleden mag geloven werd er nogal wat “wild” geraapt, met andere woorden, het uithalen van nesten was illegaal maar gebeurde op grote schaal. Een serie vonnissen m.b.t. het zoeken van kievitseieren leert dat de gemiddelde leeftijd van de veroordeelden laag was – wat te denken van een arbeider uit Burgh van 11 jaar en een smid en schoenmaker uit Renesse van 15 jaar …………. Zouden die volgens het jeugdrecht veroordeeld zijn? Er stond een straf op van 3 gulden of 2 dagen hechtenis …………… Ik zou’t wel weten  ……… 2 dagen zitten natuurlijk – lekker ’s ochtends een ontbijtje met een sapje, toast en een hardgekookt eitje …….
Het haasje het haasje..... (Wilhelminapolder) ( foto: Hans Koert)
 Paasgebruiken zijn er weinig in Zeeland behalve dan misschien het massaal op Tweede Paasdag de boot nemen naar Morres in Hulst, de Morresboot (van tien uur). Of moeten we het bermtoerisme noemen, dat spontaan in de jaren vijftig en zestig ontstond, als de A58, toen nog tweebaans, dicht dreigde te slibben door de toeristen die Pasen bij ons aan de kust kwamen vieren?
Nee, bij ons  thuis was het enige wat we merkten, dat het pasen werd, waren de "nieuwe" kleren (mijn moeder toverde uit een oude jas van haar, twee jasjes voor ons) en de voorjaarsschoonmaak.  In een week tijd werd het hele huis op de kop gezet en kreeg alles een extra sop- dan wel poetsbeurt.  Matjes werden extra lang geklopt en ramen met pollepels water nat gegooid en met een natuurzeem gedroogd. Groene zeep en bleekwaterluchten walmden door het huis. De keukenkast kreeg nieuw kastpapier en er werd in nieuwe randjes geinvesteerd. Als kind ervoer je dat als een periode waar je moeder weinig kon hebben en je maar beter je heil buitenshuis kon zoeken.  Wel herinner ik me elke keer weer het moment dat bij mijn opa en opoe het huis “vrij werd gegeven". De schoonmaak was voorbij en de “daagse kamer” en “zondagse kamer” waren weer omgewisseld …… In de zomer woonden ze “achter”, op de noordkant en in de winter “voren” op de zonkant ……….  Een primitieve, doch zeer effectieve manier van energiebesparing.
 

 uit: Vlissingsche Courant - 1 maart 1928 (bron: Zeeuwsekrantenbank.nl)
Echte paasgebruiken die typisch Zeeuws zijn, zijn er eigenlijk niet meer, want een bezoek aan de woonboulevard op Tweede Paasdag, eierenverven en - zoeken in de tuin, paaspuzzel in de krant, de paasrit Mac De Zeeuwen, paasmarkten of, zoals ik nu weer las, het “glazen ei” ( een ludieke actie om geld in te zamelen afgekeken van het Glazen Huis), zijn universeel en overal in Nederland te vinden.
Merelei (Wilhelminapolder) (foto: Hans Koert)
In de 16de eeuw schijnt de geestelijkheid van Veere broden uitgedeeld te hebben met geconfijte vruchten als een agape, een vorm van Christelijke naastenliefde, maar opvallender vond ik de gewoonte, die alleen in Middelburg voorkwam, namelijk dat er in diezelfde tijd op Goede Vrijdag, .... ter herinnering aan de  vrijlating van Barabbas, een gevangene uit Het Gravensteen, dat onlangs weer werd opgegraven, vrijgelaten werd.

Gravensteen - Middelburg
Zo werd ene Govaert van der Linde, die vastgezet was vanwege bedelarij gratie verleend. En ook een vrouw, Griete Boels, die het begrepen had op de vuile was van de monniken van de Onze lieve Vrouwe Abdij en een aantal hemden achterover gedrukt had,  … heeft op den Goeden Vridach gracie gecreghen …. Omdat dit typisch een Zeeuws, of nog beter een Middelburgs paasgebruik was, kende men het  in “Holland” niet, dus werd er een onderzoek ingesteld.  Een zekere Willem Janszoon Hals, die met zijn 62 jaar als een oud man, die veel meegemaakt had, werd bestempeld en heel wat jaren voor de rentmeester van de stad Middelburg had gewerkt, werd als getuige opgevoerd.
Hij verklaarde dat … alle jaere op den goeden Vrydach eenen ghevanghenen uuyt gracie, die tmeeste niet gedaen en hadde, uuyt laeten gaen ende gerelacxeert heeft …….
Hoewel je alleen in aanmerking voor gratie kon komen als je niet al te veel had uitgevreten, zou je dit gebruik wellicht ook best kunnen zien als een “legale manier” om gerechtelijke dwalingen “zonder gezichtsverlies” recht te breien …………… We hebben toch nog wel ergens een kerk vol uitgeprocedeerde vluchtelingen of minderjarige asielzoekers, die uitgezet dreigen te worden?

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl

Slik op de Weg is de 1200ste blog gepasseerd ...... 1200 keer een opvallende Zeeuwse kijk op de Schelderegio en haar bewoners - verhalen die alle kanten op kunnen gaan, relativeren, beschouwen, je bezig houden, zoals Slik op de Weg je in Zeeland vaak kan verrassen .....  Volg Slik op de Weg op Facebook en schaar je bij de groeiende groep volgers ....... Al 1200 keer de Zeeuwse blog voor de Schelderegio en haar bewoners - een mooie manier om je dag te beginnen.

dinsdag 26 maart 2013

't Geheim van't Ruhendiekje

 Ik verlang naar de zomer ……………..ik weet't - 't lijkt een open deur, maar ik leg het uit. Ik verlang naar zon-doorstoofde bloemdijken waar vlinders om je hoofd fladderen en bijen van bloem naar bloem gaan op zoek naar honing en de bramen donkerpaars schreeuwen geplukt te worden ……….. Laat het eerst maar eens voorjaar worden: hoor ik je met Zeeuwse nuchterheid vaststellen, maar toch ……….. voor mij mag het snel zomer worden -  met struiken vol stekelige takken vol rijpe bramen .... dan kun je me zien struinen over de Zuid-Bevelandse bloemdijken en in’t bijzonder over van die afgelegen aarden dijkjes, waar de beheerder de woekerende braamstuiken heeft gedoogd ….. van die Ruhendiekjes. 
Ik ben een slechte om bramen mee te gaan plukken voor jam of gelei – mijn eigen consumptie overtreft hetgeen ik ’s avonds mee naar huis breng ……….. Heeft de braamstruik niet zelf gewild dat haar rijpe vruchten genuttigd en verspreid worden? Waarom zouden we ons dan tegennatuurlijk gedragen en de vruchten mee nemen om kapot te koken en achter glas te verbannen? Ik stel me heel natuurlijk op en doe wat generaties voor me ook deden - ze gewoon in de mond steken! De lekkerste bramen echter hangen steeds op onbereikbare plaatsen – achterin of middenin de stekelige struiken. Vogels hebben daar geen probleem mee, dus ik ook niet ……… Ieder zijn plek! Maar terwijl mijn hand de rijpste vruchten zoekt, dwaalt mijn oog door de braamstruik (ik draag al sinds mijn zesde een brilletje), op zoek naar die  plekken, waar de struiken schijnbaar wat achtergebleven zijn in hun groei - zijn blijven steken in hun ontwikkeling. Vind ik die, dan kom ik tijdens een maanloze nacht terug, gewapend met spa en kruiwagen ......
 De boeierd bij Hoedekenskerke
Ruim vierhonderd jaar geleden  moet een Spaans galjoen geprobeerd hebben om via De Honte de  havenstad Antwerpen te bereiken, zonder gezien te worden door de wachtschepen van de Prins. Ter hoogte van het eiland Stuyvesant besluit het schip niet langs de kust van Ossenisse te varen, in het kielzog van huizenhoge autoschepen, maar tijdens de invallende schemering de gigantische zandplaat, die midden in de Honte ligt, te ronden langs Oydekinskercke, een kleine agglomeratie achter de dijk, wier kerktoren net boven de dijk zichtbaar is. 
Zuid-Beveland rond 1580
Eenmaal de redout op de dijk bij de haven veilig gepasseerd doemt er aan de horizon bij de haven van Bieselinghe  de contouren op van een onbekend scheepje met de geuzenvlag in top. 


Biezelingse Ham
De Spaanse kapitein krijgt het Spaans benauwd, dooft alle vuren aan boord en besluit zijn schip bij de monding van het voormalige Zwake te ankeren, edoch ..... hij verkijkt zich op een paar hoogten, door wurmentekers opgeworpen en stuurt zijn barkas de ondiepten in voor de voormalige monding van Het Zwake ......... Hij voelt de bodem van zijn schip schuren over het slik van de Biezelingse Ham en even later ligt het muurvast ......  Je ziet hem denken: Esperemos que la próxima inundación aumentarás la nave ...  Nu maar hopen dat het schip bij de volgende vloed weer drijvend mag worden .....  De volgende ochtend echter ligt zijn schip muurvast in de slikken en ziet hij, tussen de mistflarden door, de schimmen van kromgebogen darinckdelvers door de boeierd hun richting uit komen. De kapitein zet zijn hoed op ('t Is toch frisjes) en besluit de sloep, samen met de grote kist die onder zijn hangmat staat, te strijken en met een aantal van zijn manschappen de moerders op te wachten .....
Een zestiende-eeuwse sloep.
De illegale darinckdelvers schrikken zich een hoedje ('t Is toch mè ievallug) als ze door de Spaanse mannen ontvangen worden en delven ( vandaar darinckdelvers) tijdens een potje matten ( inderdaad Spaanse matten) het onderspit.
(namaak) Spaanse helm
 gevonden op de
Hoeve Van der Meulen in
 's Heer Abtskerke
In ruil voor een in de gevechten achtergebleven Spaanse helm geven ze hun spaden en kruiwagens af en vluchten terug naar hun schamele houten woningen in het gehucht Vinninghe, een paar huizen bij de kerk en 't kasteel aan deze zijde van d' Ee.  De kapitein en zijn rechterhand geven hun manschappen even wat rust en terwijl die zich te goed doen aan Spaanse wijn, tomaten ( tomaten zat - de kassen aan de andere kant van de dijk liggen er vol mee) olijven en tapa's, verwijderen de twee zich met kruiwagen en spade terug naar de sloep, waar de kist nog steeds braaf staat te wachten (ie ei hin poâtjes). Ze sjorren de zware kist op de kruiwagen en rijden het eerste het beste dijkje op, dat door de natte karrenvelden is uitgespaard ..... Als ze een plek gevonden hebben, een beetje uit't zicht, graven ze ( de rechterhand natuurlijk) een diepe kuil, waarin de kist verdwijnt. Zand, sorry grond erover en goed aanstampen. Om er zeker van te zijn, dat ze de plek later terug kunnen vinden, besluiten ze om de plek te markeren met een paar takken - van die stekelige, die schapen vast en zeker niet lekker vinden.
 
De boeierd met schapen bij Hoedekenskerke.
In Hoedekenskerke wordt sinds mensenheugenis het verhaal verteld van het Ruige Dijkje, althans dat las ik in een boek getiteld Ons Zeeuwsch Verleden van A.M. Wessels, die het ergens in de jaren dertig uitgaf en in zijn voorwoord zegt te citeren uit oude kronieken. Eerlijk gezegd was het verhaal me onbekend, hoewel ik toch mijn jeugd in Vinninge heb doorgebracht - of dit iets zegt over mijn geheugen of over de duim van Wessels - ik weet het niet. 
Het schijnt, dat er lang geleden een armoedige boerderijtje, een spulletjes mie un paer hemete hrond, op een dijkje langs het Zwake gestaan moet hebben, met zicht op 's Gravenpolder, maar wel aan de goeie kant van de Lenshoekdiek,  waar een bejaarde man en zijn vrouw woonden plus een ongetrouwde jonge joân. Vlakbij het spulletje an't zelfde diekje, 't Ruhediekje, de Ruigendijk, stond een grote braambos.  Het verhaal gaat dat de zoon op een nacht een droom krijgt, waarbij de braambos een wel heel vreemde rol speelt. De bos, zo schrijft Wessels, bewoog en (verhief) zich langzaam in de lucht.  Waar de bos gestaan had was een diepe kuil zichtbaar met daarin …… een prachtige kist. De dromende jongeman maakte het deksel van de kist open en vond … een rijken schat, n.l. veel Spaansche matten. Hij tastte er naar, om zijn zakken te vullen en … schoot wakker. De volgende morgen ging hij snel naar buiten en zag niets bijzonders – de braamstruik stond er nog steeds in al haar pracht, volhangen met rijpe vruchten. Hij vroeg aan zijn vader of hij de braamstuik uit mocht doen maar pa zag daar de noodzaak niet van in om …. noodeloos en doelloos de bos weg te doen, hetgeen een zoo goede beveiliging van de hut tegen storm en sneeuwjacht was. Daar kon niets van komen
Maar de zoon volhardde ………… en ten einde raad gaf de vader toe …. hij was een trouw kerkganger, die elke zondag de Lenshoekdiek nam en in 's Gravenpolder aanschoof in de rijen der gelovigen, dus kende hij zijn klassieken. Werd er in de kerk ook niet verhaald over een, dan wel niet opstijgende, maar toch wel brandende braambos? ... en da zo vlak bie jun eihun spulletje ...... In vredesnaam ga je gang dan maar, doch gij zult er berouw van hebben, dat weet ik zeker. De jongeman zette zijn spa in de grond, haalde de struik eruit en groef dieper tot hij op iets hards stuitte. Het bleek een kist met Spaans geld. De overlevering verhaalt dat de familie met de schat ergens moet zijn ondergedoken, misschien gewoon ergens in de Zak, maar voor't zelfde geld ( - 20%) ergens op een eiland in Middellandse Zee - we weten't niet, wel dat tientallen jaren later de zoon terugkeerde naar de streek en daar een kapitale boerderij neerzette in een gebied dat later, schamper, de Rieke Buurte genoemd werd.
Lenshoekdijk
Of’t waar is …… Of't echt gebeurd is?  De oudste bron van dit verhaal vond ik in De Zeeuw uit 1928, waarin diezelfde Wessels hetzelfde verhaal vertelt en aangezien de krant vroeger blindelings geloofd werd, moet er dus wel iets van waarheid in zitten: Leuhens kunnen ze nie drukke zei mijn opa altijd.
De Zeeuw (15 september 1928) ( bron: Krantenbankzeeland)
Opvallend is dat Wessels schrijft  .... Het dijkje werd daarom ook wel het Spaansche dijkje genoemd, doch zoo komt het niet voor op polderkaarten. Ik geef toe, de Spaanse kapitein en het vastgelopen schip en de Vinningher moerstekers zijn spontaan aan mijn rijke fantasie ontsproten, zoals een verteller vroeger de feiten mooier en groter maakte  ....... maar 't zou zo maar een grond van waarheid kunnen bevatten en omdat't best eens zou kunnen zijn dat die rieke boer zijn geld niet opgegraven had, maar gewoon "eerlijk" met bijvoorbeeld wat gerommel rond de prijs van uien, kartelafspraken heet dat, verdiend had ( Er hangt daar vaak rond 's Gravenpolder een vreemd luchtje) en ergens in Cyprus zijn geld had witgewassen, blijf ik zoeken naar die kist .............  
Juun
Mocht deze blog binnenkort voor een aantal weken gesloten zijn, dan moet je daar niets achter zoeken ………. als je maar met je poten van de braamstruiken op onze Zuid-Bevelandse dijkjes af blijft - die zien voe mien. 

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl


Slik op de Weg is de 1200ste blog gepasseerd ...... 1200 keer een opvallende Zeeuwse kijk op de Schelderegio en haar bewoners - verhalen die alle kanten op kunnen gaan, relativeren, beschouwen, je bezig houden, zoals Slik op de Weg je in Zeeland vaak kan verrassen .....  Volg Slik op de Weg op Facebook en schaar je bij de groeiende groep volgers ....... Al 1200 keer de Zeeuwse blog voor de Schelderegio en haar bewoners - een mooie manier om je dag te beginnen.

donderdag 21 maart 2013

Pr-perk

(Bron PZC: 21 mrt 2013)
 Zelden zijn mensen het zo eens over het weer als op het snijvlak van winter en lente ..... De kou, de guurheid, de duisternis en natte sneeuw - weg ermee - grote schoonmaak - ramen open - bezem erdoor - een nieuwe start - een nieuw begin.  Wat dat betreft ben ik er voor om wereldwijd een nieuw jaar, net als in de Romeinse tijd, te laten aanvangen op 1 maart. Het zuidelijk halfrond kan dan kiezen om de kalender een half jaar achteruit te zetten of gewoon met ons in de pas te lopen ............ 
Wie kijkt er niet uit naar de eerste lenteboden? Als het eerste sneeuwklokje zijn kopje aarzelend boven de grond steekt kan het nog flink koud zijn -  pas als het speenkruid en het klein hoefblad op de warmere beschutte zuidkant van het sloottalud kleur gaat geven, dan schiet het op. Maar veel mensen, vooral uit de stad, ontgaan zulke kleine voorboden, zulke minuscule signalen. Of zou het zo zijn dat de moderne mens meer bezig is met zijn baan, zijn gezin, carrière maken, geld verdienen of  zijn tijd-op-de-tien-kilometer, zodat hij dit soort kleine hints van de natuur niet opmerkt?  Voor die "moderne mens" zijn er de pr-perkjes langs de invalwegen van elke stad, gemakkelijke natuur; "ingezaaide" gazons vol narcissen of krokussen - het teken dat de lente in aantocht is.

Krokussen op het plein van Nisse
 Op het plein van Nisse, een typisch Zeeuwse dorpsring met een haast stedelijke omvang, waar je mag hopen dat de bevolking nog wat dichter bij de natuur staat, komen ze er ook niet onderuit - als de krokussen het grasveld kleuren … wordt het lente! Eerst aarzelend beginnen de bloemen te kleuren, als het eigenlijk nog te koud is voor de tijd van het jaar, te somber, zonloos, natte sneeuwbuien en een gure noorden winden trotserend, geven ze nog niet echt dat lentegevoel, waar iedereen zo naar verlangt en staan ze er wat verfomfaaid en verwaaid bij, misplaatst krokus te zijn.
 Als de eerste krokusjes in Nisse gaan bloeien, vermoed je al snel, dat er hier  sprake moet zijn van mensenwerk. De bolletjes zijn duidelijk bewust een half jaar daarvoor machinaal in rijen neergezet, maar zoals een toupetje nooit een volle jeugdige haardos kan vervangen of een laag mascara rimpels kan verhullen....  ontgaat zelfs de rentenierende stroomfietser of de gehaaste jogger niet, dat hier geen sprake is een spontane oprisping van de natuur
Stinzenplanten bij Westhove (Domburg)
Geen spontane bloemenpracht, zoals we dat bij oude landhuizen aantreffen op Walcheren – met tientallen stinzenplanten, die na eeuwen verwildering in het vroege voorjaar de bodem bedekken met sneeuwklokjes, sleutelbloemen of primulaatjes, krokussen en … paaslelies of narcissen. Toegegeven - ook hier heeft men ooit aanplant gedaan, maar de tijd heeft het werk van de tuinman overgenomen en bollen hebben zich niet-gearrangeerd kunnen vermenigvuldigen.

Duinbeek (bij Domburg)

 Zodra de eerste zonnestralen voelbaar de lente duiden, buitelen de lenteboden over elkaar heen: de fluitende lijster op de vêêste; de eerste hommel, die als een apache helicopter laag over de tuin scheert en de buurvrouw, die met beschermende doek over haar paasbeste, nog met krulspelden bedekte hoofd, de kleedjes klopt. Ook de krant besteedt steevast aandacht aan dit soort voorboden: Het eerste lammetje, volle terrasjes, strandhuisjes die teruggeplaatst worden, rokjesdag en ..... de traditionele noodkreet over de Nederlandse vlinderstand in het algemeen en die in Zeeland in het bijzonder.
De gehakkelde aurelia

Reddingsactie voor Zeeuwse vlinders kopte de PZC onlangs, alsof de laatste zeehond op de Hooge Platen is ingeslapen! Zeeuwse Zes hollen achteruit – een allitererende slogan, slecht gekozen, omdat het over vlinders gaat - Zeeuwse Zes vliegen achteruit ...... zou mijns inziens meer hout snijden .... Zes Zeeuwse vlinders dreigen uit te sterven in Zeeland: de Argusvlinder, de Grote Vos, de Heivlinder, de Kleine Parelmoervlinder, het Bruin Blauwtje en de Koninginnepage.
 Alleen laatstgenoemde roept wellicht bij een paar mensen een bruikbare herinnering op, aan de vakantie in Zuid-Frankrijk; de andere blijven fotootjes in de krant ……… die leven niet echt bij het grote publiek, alsof je gebogen staat over een vitrine met opgeprikte insecten. De zes genoemde soorten leven alle in kleine kwetsbare populaties, die sterk gebonden zijn aan hun leefgebied – duinen, ruigten of bloemrijke bermen. Rommelhoekjes, vol broeiers ( brandnetels) en andere vuulte, waar de mens de handen vanaf getrokken heeft; we hebben ze “opgeruimd”.

Juist die plekjes moeten we koesteren – een plek geven – “inrichten” – faciliteren, om een geliefd moeilijk woord in crisistijd te gebruiken. Misschien dat die crisis juist wel een positief effect kan hebben …. ongewild.
Het uitstellen van onderhoud kan immers ongebreidelde wildgroep van planten in de hand werken, die normaal in hun expansiedrift afgeremd en beperkt worden – de ideale plek voor vlinders om hun eitjes te leggen, hun rupsen te laten opgroeien en verpoppen. Laat een stuk van de tuin toch eens de tuin. Als compensatie mogen gemeenten dan best van mij zo’n krokustapijtje voor me uitrollen op publieke plekken – zo'n pr-perk.

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl


Slik op de Weg is de 1200ste blog gepasseerd ...... 1200 keer een opvallende Zeeuwse kijk op de Schelderegio en haar bewoners - verhalen die alle kanten op kunnen gaan, relativeren, beschouwen, je bezig houden, zoals Slik op de Weg je in Zeeland vaak kan verrassen .....  Volg Slik op de Weg op Facebook en schaar je bij de groeiende groep volgers ....... Al 1200 keer de Zeeuwse blog voor de Schelderegio en haar bewoners - een mooie manier om je dag te beginnen.

zondag 17 maart 2013

De Zak naar z'n ouwe moer?

 Er zullen maar weinig mensen zijn, die de kaalslag op Zuid-Bevelandse dijken met droge ogen kunnen aanzien ……………… Fraaie oude bomen, die al decennia lang in onaangetaste rijen, geplant en gewassen langs dieken en wegen staan, maken sinds mensenheugenis deel uit van het coulisselandschap dat De Zak juist zo bijzonder maakt. In De Zak vindt al een paar jaar een kaalslag plaats. Landschappelijk krijgt De Zak het flink voor zijn kiezen en gaat het naar z'n ouwe moer ..... De dijken blijven kaal en leeg achter ……………… De oogst hoog opgestapeld op gemakkelijk bereikbare plekken wachtend op vervoer naar de palletfabriek, de papierfabriek of de biomassacentrale. Kleine iele boompjes houden zich krampachtig vast met rubber banden aan houten palen, vechtend tegen de zuidwesten winden.
De bomen langs wegen en dijken horen bij Zeeland, maar vooral bij de Zak van Zuid-Beveland. Niet voor niets heeft het wapen van de Gemeente Borsele een rij bomen in haar schild. Het hoort bij De Zak, waar de bevolking graag in de reke loopt, soms wat rechtlijnig denkt, maar altijd fier recht overeind staat - als populieren op een bloemdijk  

Verkoop van Olmen van het plein en kerkhof van Nisse (1865)
Het schijnt dat Karel V. de aanzet gegeven heeft tot het massaal aanplanten van bomen – Voor 1500 voorzagen de Zeeuwen in hun energiebehoefte, met name brandstof voor hun ovens en voor de verwarming van hun huizen, door het laagveen uit te graven, dat de zee eeuwenlang had bedekt met een relatief dunne laag zeeklei. Deze laag veen, laagveen, bevatte relatief veel zout, omdat het doordrenkt was met het zoute zeewater, dat tweemaal per dag de laaggelegen gebieden had overstroomd.
Hollebollig weiland bij Nisse - oud land naar zijn ouwe moer

Door de klei laag af te graven en het onderliggende veen vermengd met zeewater in grote zoutpannen te verhitten, werd het zout uit het veen gehaald en voor veel geld verkocht.  De derrie of darinck, die overbleef, was prima turf ….. dus brandstof voor hun ovens. Dat afgraven, dat darinckdelven, die moernering, gebeurde buitendijks op de zoute schorren of net binnendijks, waar het kwelwater de grond onbruikbaar had gemaakt behalve dan voor wat schapenteelt of …. het darinckdelven. 
Boomdijk onder Heinkenszand
Bij Hoedekenskerke noemen we die gebieden boeierds …. Elders worden het karrenvelden genoemd, omdat de afgegraven klei vaak gebruikt werd om de dijken te verstevigen. In de natte kernen van Zuid-Beveland, zoals De Poel werd veel gemoerd …… De Yerseksche- en Kapelse Moer heten niet voor niets ….. Moer – die gebieden werden door de moernering naar hun ouwe moer geholpen - hollebolle weilanden tot gevolg. Dat graven vlak bij de zeeweringen zorgde voor onstabiele dijken en dus veel overstromingen ……….. In 1477 werd dan ook het darinckdelven in Zeeland verboden en een halve eeuw later verordende Karel V dat iedereen bomen moest planten op erven en langs dieken en wegen, om voldoende brandhout te hebben voor de winter ……… Daar schijnt de oorzaak te liggen voor dit unieke landschap, wat Zeeland, wat de Zak van Zuid-Beveland zo bijzonder maakt.
Boomstammen bij de Vernoyen- en Sluishoekwegeling onder Nisse

 Ik weet ‘t: Zeehondjes en Oranjetipjes, Paarden en Zeeuwse polders, Bløf en oude bomenje moet er vanaf blijven. Daar hoort de mens zich niet aan te vergrijpen …… Die blijven altijd bestaan, in onze beleving, die zijn er gewoon. Weinig mensen vroegen zich tot een half jaar geleden af, wat er met een dood paard gebeurde – je las er nooit over, behalve dan soms als iemand er tevergeefs aan getrokken ....... Zo ook de bomen langs onze Zuid-Bevelandse bloemdijken. Die staan er omdat ze er al staan sinds mensenheugenis. Dat ze ooit aangeplant zijn en gekapt moeten worden, is uit ons collectieve geheugen verdampt - daar is nog geen app voor ontwikkeld ..........  Ze zijn er gewoon ... We zijn ze gewoon gewend ..... en dus moeten ze gewoon blijven staan ......!
Of ..... Of zijn we zover afgedwaald, dat we niet meer beseffen, dat we dit landschap ooit zelf gemaakt hebben, met een doel ........  en dat elke ontkiemende zaailing eens gekapt moet worden?
Geriefhout na het koppen van wilgen

Anders gezegd – Het kappen van bomen roept veel emotie op. Komt dat omdat de boom langs de dijk, die respect oproept door zijn leeftijd en omvang voor ons geen functie meer heeft? Zou het daarom niet goed zijn, die functie terug te geven? Die boom te beschouwen, niet alleen vanuit emotie, maar bijvoorbeeld ook als een economisch element, goed voor het milieu en, als we op tijd er bij zijn, als fraai en vooral een veilig landschappelijk element?  Het waterschap zal ongetwijfeld ook een economisch motief hebben – bomen die verouderen en niet bijtijds gerooid worden vragen veel onderhoud, maar brengen ook nog wat geld op. Misschien moeten we weer terug naar vroeger ….. net als in de tijd van Karel V - de bomen in De Zak weer zin geven - het vruchtgebruik van de bomen weer terug geven aan de mensen in De Zak.

Boomstammen bij de Vernoyen- en Sluishoekwegeling onder Nisse

 Ik wil het volgende voorstellen: Een dorp of gemeenschap plant gezamenlijk de bomen aan, onderhoud ze, knot ze en gebruikt het geriefhout voor natuurlijke omheiningen, want die hardhouten gevlochten schuttingen van de Praxis worden verboden, evenals de gladgeschoren ligusterheg en de conifeer .... die kan-niet-meer!. De populieren langs de wegen worden door een gemeenschap geplant, gesnoeid, onderhouden en tenslotte gekapt, in etappes, handen uit de mouwen, in overleg en de opbrengst kan verkocht worden aan bijv. een ijslolliestokjesfabriek, aan de lucifer-lobby of als brandstof voor de CO² neutraal gestookte wijkbiocentrale, die het dorp van warmte en stroom voorziet ..... De  kerncentrale wordt overbodig en kan omgebouwd worden tot een educatief pretpark, met een lichtgevend planetarium in de koepel. Wordt de Gemeente Borsele ineens de Groenste Gemeente van ons land.
C
En wie zijn handen uit de mouwen steekt mag zelf een boom uitzoeken om bijvoorbeeld een schrootjeswand in de kamer te maken ( komt weer helemaal terug); gebruiken voor een fraai gevlamd natuurlijk populierenparket in de kamer; een louncheset voor in de tuin of een klauterrek voor de kids - er wordt al een app ontwikkeld waarmee klimmen en klauteren weer geoefend kan worden
Wel moeten we even duidelijk afspraken maken over wie zo'n boom mag uitzoeken ..... We zetten er een letter C op als de boom gecontroleerd (de C van controle) en vergeven is, zodat iedereen zijn eigen boom kan herkennen. In verschillende kleuren, natuurlijk, anders krijgen we het nog met elkaar aan de stok .............  En buitenstaanders mogen niet meedelen ...... We selecteren gewoon de mensen, die niet uit De Zak komen, door hen te vragen op de kaart de Paardenkerkhofwegeling aan te wijzen ...... Zul je zien - werkt perfect!  

Denk nou niet dat ik blij ben met al die lege dijken, die het aanzien van De Zak beschadigen - verre van dat. Je zult mij echt niet snel met een bijl door het dorp zien lopen ......

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl


Slik op de Weg is de 1200ste blog gepasseerd ...... 1200 keer een opvallende Zeeuwse kijk op de Schelderegio en haar bewoners - verhalen die alle kanten op kunnen gaan, relativeren, beschouwen, je bezig houden, zoals Slik op de Weg je in Zeeland vaak kan verrassen .....  Volg Slik op de Weg op Facebook en schaar je bij de groeiende groep volgers ....... Al 1200 keer de Zeeuwse blog voor de Schelderegio en haar bewoners - een mooie manier om je dag te beginnen.

zaterdag 16 maart 2013

Flubberplaat

 Lenny wie?  De  mededeling dat ik naar een optreden mocht op het dorp wekte bij mijn collega uit de stad wat verwarring. Het was haar niet aan te rekenen, haar leeftijd in acht genomen -  Lenny Kuhr die grote successen had in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw, met nummers, zoals De Troubadour,  trad op in De Stenge in Heinkenszand. Waar? aar? 
  De Stenge - Heinkenszand
Sinds een aantal decennia is cultuur niet alleen meer voorbehouden of te koop  voor mensen uit de stad. Dorpshuizen en verenigingsgebouwtjes op het platteland, maken tijd en ruimte vrij om artiesten naar de mensen te brengen, die normaal gesproken niet zo snel zouden kiezen voor een optreden in een dorp op Zuid-Beveland. De dorpshuizen van de gemeente Reimerswaal bieden, dankzij enthousiaste programmeurs als Jacques Boonman de bewoners uit die regio en ver daar buiten, de gelegenheid om naast de deur cultuur te snuiven – dat geldt ook voor de Culturele Raad van de gemeente Borsele.
Dat was vroeger wel anders …………… Het verenigingsgebouwtje, naast de kerk van Hoedekenskerke, werd na de oorlog gebruikt voor gymnastieklessen en ook de jongens- en meisjesclub maakten er gebruik van.  Bij begrafenissen werd de zaal omgebouwd tot condoleanceruimte en als er wat vieren was, kon je het zaaltje ook afhuren. Soms kwam er een man met een grote projector, die film bracht ……., zoals de dorpsfilm van De Blindenbond, gemaakt begin jaren zestig ten bate van nieuwe uniformen voor Con Amore - de plaatselijke fanfare.  Dat geluid van zo’n ratelende projector zorgde altijd voor een ietwat opgewonden gevoel in m’n buik. Ik herinner me nog wel de dorpsfilm, maar niet meer welke andere films er gedraaid werden, maar wel dat er veel te lachen viel – m’n fascinatie voor oude zwart-wit slapsticks rond Charlie Chaplin, Laurel en Hardy en de Comedy Capers zal hier wel ontvlamd zijn ……
Kleuterschool op het podium van het verenigingsgebouw van Hoedekenskerke - jaren vijftig.
Eenmaal per jaar werd de zaal ingericht voor de  toneelvereniging en vol gezet met klapstoelen. Die voerde dan een klucht op.  Het bescheiden podium was naar achteren toe normaal gesproken afgesloten met hoge houten panelen – die werden dan weggehaald en omgetoverd tot coulissen. Als kind fascineerde me dat, want ik begreep daar de functie van. Op het podium, normaal vanuit de zaal niet te bereiken of te zien, was in de jaren vijftig …… de kleuterschool gevestigd. Daar heb ik een paar jaar mogen knippen en plakken o.l.v. een, ongetwijfeld lieve juf, waaraan naam nog herinneringen kleven, slechts een fotootje rest.
Als het toneelweekend daar was, werd de hele kleuterklas ontmanteld en waarschijnlijk in één van de kleine kamertjes opgeslagen …… de klas werd zo toneel. Voor op het podium kwam een half open houten kast, waarin de souffleur zich mocht verstoppen. Als kind klommen we wel eens door die kast, onder het toneel .... spannend!
Mijn ouders zaten ook in de toneel, samen met de slager en de postbode en alle mensen van het dorp die je als kind in andere rollen kende.  Dat was wel eens verwarrend, maar gaf een extra dimensie aan het kijken naar het toneel. Bij één toneelstuk, herinner ik me, moest er een grammofoonplaat op het podium gedraaid worden van Freddy QuinnJunge Komm Bald Wieder, die hier, als Freddy in 1963 een hit mee had. Ik moet dus een jaar of twaalf geweest zijn …..


Een grammofoon was toen nog een luxe die veel mensen zich niet konden veroorloven. Mijn eigen eerste grammofoon kocht ik toen ik achttien was - een fraaie witte met losse boxen. Er moest dus een grammofoon gevonden worden en in de Boeierd woonde iemand, die daar, meen ik, vanuit de Randstad was komen wonen - van hem mochten mijn ouders wel, voor het stuk, zijn grammofoon gebruiken ….
 

Zo kwam de grammofoon een paar dagen bij ons thuis terecht en werd het plaatje vaak gedraaid en …… kon ik ook eindelijk de gratis plastic reclameplaatjes van Reader’s Digest, die we als reclame toegestuurd kregen, flubberplaatjes noemde ik die altijd, gedraaid worden waar de serieuze stem van Willem (toen nog –O-) Duys of Pim Jacobs, muziek van bijv. Mantovani aanprees, die uiteraard als set voordelig bij Het Beste gekocht kon worden. En het plaatje van de M-brigade dat we via Piet Marijs, de melkboer, hadden "verdiend" met het drinken van drie glazen melk per dag! Die fascinatie voor toneelspelen en plaatjes heb ik nog steeds, ontsproten uit die ene grammofoonplaat die bij toeval mijn pad kruiste …..

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl

Slik op de Weg is de 1200ste blog gepasseerd ...... 1200 keer een opvallende Zeeuwse kijk op de Schelderegio en haar bewoners - verhalen die alle kanten op kunnen gaan, relativeren, beschouwen, je bezig houden, zoals Slik op de Weg je in Zeeland vaak kan verrassen .....  Volg Slik op de Weg op Facebook en schaar je bij de groeiende groep volgers ....... Al 1200 keer de Zeeuwse blog voor de Schelderegio en haar bewoners - een mooie manier om je dag te beginnen.